Bijvangst bruinvissen in de Nederlandse visserij

14-12-2011
Een belangrijke bedreiging voor bruinvissen lijkt de onbedoelde bijvangst bij de staandwantvisserij.  Waarnemingen aan boord van schepen moeten duidelijkheid verschaffen over het aantal bruinvissen dat onbedoeld in de visnetten komt.
Bron: Bas Kers

Er moet meer onderzoek komen naar de populatie en bijvangst van de bruinvis in Nederlandse wateren. Dat heeft staatssecretaris Henk Bleker van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie (EL&I) op 23 november 2011 gezegd bij het in ontvangst nemen van het bruinvisbeschermingsplan. Dit bruinvisbeschermingsplan is opgesteld in nauwe samenwerking met de visserijsector en natuurorganisaties.

Bruinvis

De bruinvis is een kleine walvis die van oudsher voorkomt in de Nederlandse wateren, maar het dier verdween daar nagenoeg in de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw. Tellingen wijzen de laatste jaren op een voorzichtige terugkeer van de bruinvis. Tellingen vanuit de lucht, waarbij ongeveer 50 procent van het Nederlandse deel van de Noordzee werd onderzocht, leverden schattingen op van ongeveer 37.000 bruinvissen in februari-april 2009 en 56.000 dieren in maart 2010. De bruinvis is in Nederland bij wet beschermd.

Staandwantvisserij

Staandwantvisserij is de samenvattende term voor alle vismethoden waarbij het vistuig stil staat in het water. Op de Noordzee en Waddenzee wordt door staandwantvissers vooral gevist op vissoorten als kabeljauw, tong, heek, tarbot, zeeduivel, harder, zeebaars en schol. De laatste jaren is deze vorm van visserij ook in Nederland in trek. Het betreft dan vooral het gebruik van verankerde bodemnetten die voor het grootste deel van de tijd plat op de bodem liggen en die alleen bij het keren van het tij worden opgericht waardoor bodemvissen als tong en kabeljauw worden gevangen. De staandwantvisserij in Nederland is een kleinschalige en ambachtelijke vorm van visserij. Zij omvat een vloot van circa 70 kleinere vaartuigen verspreid over de hele Nederlandse kust. 

Bijvangst in vistuig

Bijvangst in vistuig wordt wereldwijd als de grootste bedreiging voor de bruinvis beschouwd. In Nederland, uitgaande van ongeveer 300-500 dood aangespoelde bruinvissen per jaar, zijn op jaarbasis ongeveer 150-250 dieren op zijn minst bijvangstverdacht. Het is onvoldoende bekend in welke typen vistuig in Nederlandse wateren de meeste bijvangsten voorkomen, maar passieve tuigen (staandwant) zijn wereldwijd de voornaamste boosdoeners. Bijvangsten onder gestrande dieren worden gedurende het gehele jaar en langs de gehele Nederlandse kust aangetroffen.

Waarnemersprogramma

Een waarnemersprogramma aan boord van vissersschepen om bijvangst te monitoren zou in de winter en in het vroege voorjaar moeten plaatsvinden in het noordwestelijke kustgebied (IJmuiden-Vlieland).

Trefwoorden: bruinvissen, visbestanden,visserijbeheer, staandwantvisserij, bijvangst, soortenbescherming, Noordzee

Delen

Downloads

back on top