Korte tussenkalftijd meest economisch
27-1-2012
Binnen tien weken na afkalven insemineren is voor 90 procent van de koeien het meest economisch. In het quotumloze tijdperk levert een korte tussenkalftijd en daarmee een hogere melkproductie het hoogste rendement.
Bron: Dierenwelzijnsweb
Bedrijven met een hoge melkproductie per koe hechten nog weleens minder sterk aan een korte tussenkalftijd. Niettemin kunnen melkveehouders economisch voordeel behalen als de koeien elk jaar een kalf brengen.
Met het einde van het melkqutoum in 2015 valt er voor melkveehouders veel zekerheid weg. ‘Een kortere tussenkalftijd wordt in een quotumloos tijdperk nog belangrijker’, aldus Henk Hogeveen. Hogeveen is universitair hoofddocent van de leerstoelgroep bedrijfseconomie van Wageningen Universiteit. ‘In een quotumloos tijdperk betekent elke extra kilo melk per koe extra melkgeld. Een hoge productie wordt dan nog belangrijker.’
Hogeveen was een van de begeleiders van de Thaise promovendus Chaidate Inchaisri van de Universiteit Utrecht, die met een theoretisch rekenmodel aan de slag ging. Uit dit promotie-onderzoek aan de universiteiten van Wageningen en Utrecht blijkt dat het bewust laten oplopen van de tussenkalftijd een lager rollend jaargemiddelde oplevert. De lagere kosten door minder afkalfrisico bij een langere tussenkalftijd wegen niet op tegen het verlies aan melkgeld.
De onderzoekers benoemen diverse redenen waarom veehouders bewust wachten met insemineren: koeien worden minder goed drachtig tijdens de productiepiek en koeien zijn persistenter geworden. Toch geldt volgens de onderzoekers voor 90 procent van de koeien dat starten met insemineren binnen tien weken na afkalven het meest economisch is.
Trefwoorden:
melkveehouderij, tussenkalftijd, melkproductie, kunstmatige inseminatie, agrarische bedrijfsplanning