honden, foto: Pixabay

Nieuws

Diverse stappen in verbeteren welzijn van honden

Gepubliceerd op
9 april 2014

Er worden op dit moment diverse stappen gezet die beogen het welzijn van honden te verbeteren. Het betreft onder andere een gezonder fokbeleid in samenwerking met de sector, preventie van agressie bij honden, en aanpak van misstanden in de hondenhandel.

Incidentie erfelijke gebreken

In een uitgebreide kamerbrief heeft staatssecretaris Dijksma de stand van zaken weergegeven met betrekking tot een aantal toezeggingen en moties rondom dierenwelzijn, met name uit het notaoverleg Dierenwelzijn van 2 december. Hierin geeft ze ook de stand van zaken van het in juni 2013 gestarte onderzoek van de Faculteit Diergeneeskunde naar de mate van voorkomen van schadelijke raskenmerken en erfelijke gebreken bij honden en katten. Het onderzoek dient enerzijds om de bewustwording bij een breed publiek te vergroten (de vraagkant) en anderzijds als basis voor private partijen om gezondere honden te fokken. Vanaf 1 juli a.s. worden nieuwe regels van kracht voor het fokken van gezelschapsdieren. Voor zover mogelijk moet worden voorkomen dat ernstige erfelijke gebreken en schadelijke raskenmerken worden doorgegeven.

In de eerste fase van het onderzoek is een methodiek ontwikkeld om de incidentie te meten en worden vier rassen onderzocht. Voor de Franse Bulldog en de Chihuahua is het onderzoek gereed. De Labrador Retriever en de Perzische kat worden momenteel nog onderzocht. Het eindrapport van de eerste onderzoeksfase verschijnt medio april. De staatsecretaris is voornemens nog vier dierrassen aan het onderzoek toe te voegen, waarbij het hondenras Cavalier King Charles Spaniël een zekere kandidaat is.

Verantwoord honden houden

Als bijlage bij de kamerbrief heeft de staatssecretaris ook het rapport 'Verantwoord Honden Houden' van de Raad voor Dierenaangelegenheden (RDA) meegestuurd. Het rapport gaat over maatschappelijk (on)aanvaardbaar gedrag van honden, en in het bijzonder door honden veroorzaakte bijtincidenten. Dijksma onderschrijft het standpunt van de RDA dat adequaat beleid ten aanzien van bijtincidenten enerzijds gericht moet zijn op preventie en anderzijds op het waarborgen van veiligheid van mens en dier door middel van een effectieve doelgerichte reactie nadat een bijtincident is opgetreden. Een aantal aanbevelingen maakt onderdeel uit van huidig beleid zoals het advies aangaande fokbeleid dat gericht moet zijn op het tegengaan/voorkomen van eventuele erfelijke aanleg op verhoogde agressie en het advies dat elke fokker zijn pups goed moet socialiseren. Hierbij wordt ook verwezen naar de DVD 'De blauwe hond' van het Landelijk InformatieCenrum Gezelschapsdieren (LICG) die specifiek ingaat op het goed omgaan met honden door kinderen om zodoende bijtincidenten te voorkomen.

Andere aanbevelingen van de RDA betreffen het opnemen van bepalingen ten behoeve van gemeentelijk hondenbetenbeleid in de Wet Dieren, en aanscherpen van wetgeving op rijksniveau zoals verbreding van het huidige Art. 425 Wetboek van Strafrecht. Laatstgenoemde bepaling zou niet alleen betrekking moeten hebben op het ophitsen of onvoldoende terughouden van agressieve honden jegens mensen, maar ook jegens dieren. "Deze aanbevelingen behoeven nadere bestudering", aldus de staatssecretaris.

Misstanden in de hondenhandel

In een andere recente kamerbrief gaat de staatssecretaris in op de resultaten van anderhalf jaar beleid om broodfok en malafide hondenhandel aan te pakken. De sinds 1 april 2013 verplichte identificatie en registratie van honden (I&R hond) is hierin een belangrijk instrument. Tot 14 februari 2014 zijn 86.332 honden geregistreerd in de 8 aangewezen databanken. Er zijn in die periode 67.250 geboortemeldingen gedaan en 71.959 honden door een nieuwe houder geregistreerd hetgeen duidt op de verkoop of overdracht van een hond. De NVWA en LID nemen de controle op identificatie en registratie hond mee tijdens de controles op de overige regelgeving. Tot nu zijn er door de NVWA 22 overtredingen geconstateerd met betrekking tot deze regelgeving. Handhaving vindt primair plaats via het bestuursrecht.

I&R hond helpt bij het in kaart brengen van handelsstromen en ook het bepalen of fokkers bedrijfsmatig dan wel hobbymatig handelen zodat niet naleving van het honden- en kattenbesluit kan worden vastgesteld. Ook helpt I&R honden te relateren aan een bepaalde handelaar hetgeen helpt bij de opsporing van overtredingen. Omdat de verplichting geldt voor pups duurt het enige tijd voordat de databanken een volledig beeld kunnen geven. Deze regels zijn volgens Dijksma toereikend.


(Bron foto: Wikimedia)