Blogpost

Merel hoestpastilles

Gepubliceerd op
4 juli 2014

Laten we als bescheiden tuinbezitters na om de stadsmerel tijdens de broedtijd te voorzien van hoestpastilles? Dit ter overweging bij het feit, dat ik in deze fase van de strijd geen stem meer zou hebben...

Wat is er aan de hand. In de theorie staat er iets geschreven over de melodieuze tonen als roep, dat zou vrij vertaald als 'tjsek' klinken. Ik herinner me dit van afgelopen mei, na een zonnige dag wordt je getrokken naar een bijna tropisch klinkend tonenspel, waarbij ik mijn blik meestal laat rusten op een dakpunt, waar zo'n handsome 'black dude' een bijna dichterlijk lied mijmert...

Het is nu juli en ik geloof, dat het merelwelzijn zich nu ontpopt tot ramp. Heb geen nest kunnen vinden in mijn achtertuin, er is echter een staat van 24/7 paraatheid. Beide ouders zijn uitermate druk met de kleintjes (die 'zijn', groeien, dringen, poepen, plassen, grappen vertellen, eten, drinken en zich beklagen over onvoldoende airco), met het aanleveren van de 'round the clock take away' in de vorm van vliegjes, piertjes, rupsjes, pissebedden (?), zaadjes en hamburgers met cola...en dit 14 dagen lang... Wat daarnaast gebeurt is de volgende; scheervluchten van ongekende aard, op mens (ikke dus) en dier (mijn kat), waarbij een soort van 'tjsek' geuit wordt, waarbij melodie en compositie echt 1 thema laten horen. Een schrille roep van paniek, boosheid en agitatie, die zeker zou kunnen leiden tot een melding bij 112.

Gezien de vasthoudenheid en het toch sterk aanwezige talent dit naast 'de volle mond vluchten' ook permanent te uiten, vind ik minstens een hoestpastille waard. Waarbij ik dus geen wetenschappelijke onderbouwing kan ontdekken; is dat een merel niet schor wordt en de grens van 'welzijn van de ouder' sterk overschreden lijkt te worden. Er zijn ook niet te onderschatten medestanders...eksters en kraaien. Ik ken mijn buren onvoldoende om hier belastende uitspraken te kunnen doen.

Dan wil ik nog kwijt; dat deze prachtige ouders, waarvan ik de kinderen nog niet heb mogen aanschouwen lijken vergevingesgezind en kunnen onderscheiden?! Misschien dicht ik ze teveel toe, als ik echter mijn onkruid wied en over mijn schouder kijk en mama op een afstand van 20 cm zie zitten, de losse grond zie onderzoeken en met gevulde snavel haar zoveelste vlucht maakt. Op naar een verborgen nest, ben ik geraakt en draag ik op een niet te onderschatten wijze stil bij aan het opgroeien van dit stadskroost.