Blogpost

Monitoren welzijn gezelschapsdieren

Gepubliceerd op
14 november 2010

Niets is fijner dan aanpraten tegen een groep mensen die eenzelfde doel voor ogen hebben. In dit geval het welzijn van dieren, tijdens het PVH-symposium 'Welzijn vanuit het dier gezien'.

Uiteraard zijn we na een ochtend en middag nog lang niet uitgepraat, want welzijn is een complex begrip met een diversiteit aan invalshoeken. Het aanpassingsvermogen van een individu aan zijn leefomgeving, is immers de resultante van vele interne en externe factoren. We hebben gesproken over genetische aspecten die het aanpassingsvermogen kunnen beïnvloeden, en niet te vergeten de prenatale effecten, zoals stress van het moederdier en de gedragsmatige effecten hiervan op het ongeboren dier. Ook is het belang van een juiste invulling van de eerste levensfase van het jonge dier, de zogeheten socialisatiefase en het leren door imprinting, aan de orde gekomen. Echter, even zo goed kun je nog een hele presentatie geven over het cognitieve vermogen van verschillende diersoorten en perceptie. Immers perceptie, hoe een dier zijn eigen toestand ervaart, is een belangrijk onderdeel van de momentele wetenschappelijke discussie over dierenwelzijn.

Een meer pragmatische aanpak omtrent dierenwelzijn die in de praktijk plaatsvindt, is de invulling van het Europese Welfare Quality Project®, alwaar vooralsnog voor een aantal landbouwhuisdiersoorten, een systematische uitwerking is gegeven voor het creëren van randvoorwaarden op basis van de inmiddels klassieke Vijf vrijheden van de Brambell Committee (1965). Een mooi voorbeeld van een uniforme en gestandaardiseerde aanpak om welzijn vast te leggen onder diverse omstandigheden en bij diverse diersoorten.




Terecht werd dan ook tijdens het symposium de vraag gedeponeerd of deze aanpak wellicht ook toepasbaar zou kunnen zijn voor gezelschapsdieren? Een hele uitdaging natuurlijk, want de interpretatie en de aanpassingen van een dergelijk construct vergt een royale portie soortspecifieke kennis. Maar daarom zeker en juist op zijn plaats bij het Platform Verantwoord Huisdierbezit met al zijn specialistische werkgroepen. Tijdens het symposium zijn de eerste vingeroefeningen daartoe al gedaan: de soortspecifieke gedragsmatige behoeften van de verschillende diersoorten kwamen royaal aan de orde in de verschillende workshops. Laten we inderdaad eens nadenken of deze indexering van Welfare Quality ook bruikbaar is voor onze gezelschapsdieren en wel over de diverse diersoorten heen. Wie durft de uitdaging aan?!