Blogpost

PvdD op weg naar het einde?

Gepubliceerd op
4 juni 2010

Niemand die de Partij voor de Dieren een warm hart toedraagt lijkt zich te hebben gerealiseerd dat alle politieke partijen die na 1966 zijn opgericht (D66) uit de Kamer verdwenen zijn.

DS’70, de Ouderenpartijen, de Centrumpartij, de LPF, ik doe maar een greep, allemaal weg. TON van Rita Verdonk sterft op 9 juni een schone dood en de PVV is alweer op zijn retour. In alle gevallen zijn ruzies en ontevredenheid de oorzaak van de teloorgang. Het is klaarblijkelijk gemakkelijker om in de Tweede Kamer te komen dan om er te blijven.

En wat doen 324 dierenjongens en -meisjes? Die trekken zich zeven weken voor de aanstaande verkiezingen in een hok terug, hermetisch afgesloten van de buitenwereld, op een mooie zondag en maken een flinke pot ruzie. Niet over dieren, maar over mensen. ‘Zij hield wel van dieren, niet van mensen’, zei Louis Couperus het niet, honderd jaar geleden? Het democratische gehalte van de partij lijkt nog het meest vergelijkbaar te zijn met dat van het Zimbabwe van Robert Mugabe. Marianne Thieme en Nico Koffeman delen de lakens uit. Op de kieslijst bleek ineens het voortreffelijke Kamerlid Esther Ouwehand niet meer voor te komen. Weliswaar heeft het congres dat voorstel gecorrigeerd door Ouwehand weer op de tweede plaats te zetten, de vraag is evenwel of de partij nog in staat is om bij de komende verkiezingen twee zetels te halen. En bovendien, hoe geloofwaardig zal het zijn als de twee dames in het najaar gezusterlijk naast elkaar zitten en verdedigen dat de dieren in de Oostvaardersplassen niet behoeven te worden bijgevoerd hoe rottig die er ook aan toe zijn.

Boze stemmen hebben gezegd dat Ouwehand beter functioneerde in de Kamer dan Thieme en dat Thieme dat niet uit kon staan. Getverdemme. Op zo’n partij wil niemand toch nog stemmen. Jammer, want er worden in Nederland 160 miljoen dieren gehouden, zo’n dertig miljoen in particuliere huishoudens en zo’n 130 miljoen in bedrijfshuishoudens, bij elkaar tien dieren per Nederlander. Zo’n megapopulatie verdient een krachtige stem in de politiek, een stem die bij de meeste andere partijen niet terug te vinden is. Om die stem te blijven horen is het noodzakelijk dat nog voor de verkiezingen wordt aangekondigd dat de partij geheel transparant wordt gemaakt met een moderne, professionele bestuursstructuur.

Een paar jaar geleden vond ik de partij al bekrompen en kleinburgerlijk met een handvol dierenbeschermers aan het roer. Liever een bestuurvaardige dropjesfabrikant in de top dan iemand die zich bekreunt om het lot van de varkens in Nederland. Als de partij groter moet worden dan verdient een zakelijke aanpak de voorkeur. Klimaat, energie, milieu, dieren, landbouw en natuur: al die onderwerpen horen bij elkaar. Op weg naar het einde of een nieuwe start?

Boon was in 2006 lijstduwer voor de partij voor de Dieren en is werkzaam geweest als hoogleraar Dier en Recht in Utrecht.