varken, foto: Pixabay

Nieuws

Stijgende trend aantal duurzame stallen

Gepubliceerd op
19 mei 2012

Het aantal duurzame stallen vertoont een stijgende trend. Deze toename treedt vooral op door stallen die voldoen aan de Maatlat Duurzame Veehouderij en bij varkens ook door het voldoen aan Milieukeurcriteria.

Integraal duurzame stallen

In de EL&I begroting van 2012 is als streefwaarde voor het aantal integraal duurzame stallen voor dit jaar het percentage van 6% vastgesteld. Dit als vervolg op de nota dierenwelzijn en het beleidsprogramma van het vorige kabinet waarin was opgenomen dat het percentage integraal duurzame stallen eind 2011 5% moet zijn met uitzicht op grootschalige toepassing daarna. Het gaat hierbij om percentages van het totaal in dat jaar in gebruik zijnde stallen. Om de voortgang vast te leggen is er een monitor opgezet en uitgevoerd door Wageningen UR Livestock Research in samenwerking met het LEI en de Stichting Milieukeur.

Integraal duurzame stallen zijn gedefinieerd als stal- en houderijsystemen waarin verschillende duurzaamheidkenmerken in onderlinge samenhang zijn verbeterd ten opzichte van de regulier toegepaste stallen of systemen. Het gaat om stallen en houderijsystemen die het dierenwelzijn extra verbeteren door het toepassen van maatregelen die verder gaan dan de wettelijke welzijnsnormen en die daarnaast tenminste voldoen aan andere maatschappelijke randvoorwaarden en wettelijke eisen voor milieu, diergezondheid en arbeidsomstandigheden én economisch haalbaar zijn.

4,5% stallen integraal duurzaam

Uit de monitoringsrapportage, met peildatum 1 januari 2012, blijkt dat begin dit jaar in Nederland ruim 87.000 stallen waren. Het aandeel gerealiseerde integraal duurzame stallen bedraagt in totaal 4,5%. Dit percentage loopt uiteen van 2,9% in de rundveehouderij tot 7,0% in de varkenshouderij en 11,0% in de pluimveehouderij. Het aantal duurzame stallen vertoont een stijgende trend. De toename in het aantal integraal duurzame stallen treedt vooral op door de bouw van stallen die voldoen aan de criteria uit de Maatlat Duurzame Veehouderij (MDV) en bij varkens ook door de groei van het aantal stallen waarin volgens Milieukeurcriteria dieren worden gehouden.

Voor de rundveehouderij is met 2,9% integraal duurzame stallen het percentage van 5% niet gehaald. Een mogelijke verklaring hiervoor is dat in de rundveehouderij geen wetgeving bestaat die gericht is op verplichte verbouw of nieuwbouw. Dit is in tegenstelling tot de varkens- en pluimveehouderij met respectievelijk verplichte groepshuisvesting of verbod op legbatterijen. De rundveehouderij hanteert meer de standaard afschrijvingstermijn van stallen. In de rundveehouderij dragen vooral de biologische stallen bij aan het aandeel integraal duurzame stallen.

Duurzame stallen in aanbouw

Het aantal in aanbouw zijnde integraal duurzame stallen ten opzichte van het totaal aantal stallen is licht gestegen van 1,3% in 2011 naar 1,7% in 2012. Als deze stallen allemaal worden gerealiseerd, is het aandeel integraal duurzame stallen 6,2%; 3,9% voor rundvee, 9,9% voor varkens en 17% voor pluimvee. De groei over de afgelopen monitoringsperiode en de in voorbereiding zijnde integraal duurzame stallen laten perspectief zien voor de komende jaren richting de uiteindelijke doelstelling van alle stallen integraal duurzaam. Ook in 2012 kunnen de Investeringsregeling Integraal duurzame stallen en de Maatlat Duurzame Veehouderij gekoppeld aan de Vamil en MIA regeling gebruikt worden, waardoor het percentage gerealiseerde integraal duurzame stallen verder kan toenemen.


(Bron foto: ComfortClass)