Koe, foto: Pixabay

Nieuws

Varkens- en pluimveehouderij halen ruimschoots duurzaamheidsdoelen

Gepubliceerd op
26 juni 2014

In de varkens- en pluimveesectoren is de doelstelling van 8% integraal duurzame stallen in 2013 ruimschoots bereikt, zo blijkt uit de zesde monitoringsrapportage met peildatum 1 januari 2014. De rundveehouderijsector blijft achter.

Ambitie overheid

De overheid hanteert sinds 2007 een ambitie duurzame stallen. Hiervoor zijn jaarlijks hoger wordende doelen gesteld. Voor eind 2013 (peildatum 1 januari 2014) heeft het Ministerie van Economische Zaken als streven dat minimaal 8% van de rundvee-, varkens- en pluimstallen integraal duurzaam is. De ambitie voor eind 2014 bedraagt 10%.

Integraal duurzame stallen

Onder integraal duurzame stallen wordt verstaan stal- en houderijsystemen waarin verschillende duurzaamheidskenmerken in onderlinge samenhang zijn verbeterd ten opzichte van de regulier toegepaste stallen of systemen. Het gaat om stallen en houderijsystemen die het dierenwelzijn extra verbeteren door het toepassen van maatregelen die verder gaan dan de wettelijke welzijnsnormen. Daarnaast moeten ze tenminste voldoen aan andere maatschappelijke randvoorwaarden en wettelijke eisen voor milieu, diergezondheid en arbeidsomstandigheden, én economisch haalbaar zijn.

Monitor integraal duurzame stallen

Om de voortgang vast te leggen is er, net zoals in voorgaande jaren, een monitor uitgevoerd door Wageningen UR Livestock Research, in samenwerking met het LEI en de Stichting Milieukeur. De monitor is gebaseerd op stallen waarbij integraal duurzaam met een certificaat of een subsidiebeschikking is geborgd. In de monitor zijn voor het eerst ook stallen onder het Beter Leven Kenmerk en onder de Keten Duurzaam Varkensvlees opgenomen. De monitor is uitgewerkt voor de sectoren rundvee, varkens en pluimveehouderij.

De monitor laat zien dat op 1 januari 2014 er in Nederland ruim 77.000 stallen waren en dat het aandeel gerealiseerde duurzame stallen in totaal 10,3% bedroeg. De verschillen tussen sectoren zijn groot: 32,6% voor pluimvee, 17,6% voor varkens en 5,8% voor melkvee. De varkens- en pluimveehouderij hebben daarmee de doelstelling van 8% integraal duurzame stallen ruimschoots bereikt. De rundveehouderijsector blijft tot nu toe achter.

In het bestuurlijk overleg in het kader van de Uitvoeringsagenda Duurzame Veehouderij (UDV) is afgesproken dat vanaf 2015 elke ondernemer bij nieuwbouw duurzaamheidstappen zet. De plusstal geldt hierbij als basisniveau voor verduurzaming in de veehouderij bij nieuwbouw van stallen.


(Bron foto: Monitor Duurzame Stallen)