logo

Nieuws

Veel minder varkens gecastreerd dan vijf jaar geleden

Gepubliceerd op
22 maart 2014

Bijna 75% van de mannelijke varkens in Nederland wordt niet meer gecastreerd. Dit is het resultaat van een unieke samenwerking tussen de gehele varkensketen, overheid en onderzoek in het vijfjarig onderzoeksprogramma ‘Boars heading for 2018’.

Boars heading for 2018

Castratie is jarenlang de norm geweest en een ingesleten gewoonte om berengeur tegen te gaan. Jarenlang werd uit vrees voor berengeur alleen vlees geaccepteerd van gecastreerde varkens. Berengeur is een onaangename geur (met bijhorende smaak) aan varkensvlees, wat men kan ruiken bij verhitting van het vlees. Castratie was zo gewoon dat het ongebruikelijk was zich af te vragen of het omwille van dierenwelzijn ook anders kon of moest. Deze vragen zijn wel gesteld in het vijfjarige onderzoeksprogramma ‘Boars heading for 2018’. Bijzonder aan dit onderzoeksprogramma is dat van aanvang af de inhoudelijke en organisatorische opzet ketenbreed is geweest. Er is onderzocht waar in het traject van 'zaadje tot karbonaadje' kan worden ingegrepen zodat de markt berenvlees accepteert.

Stoppen met castreren

Waar in het recente verleden het percentage ongecastreerde varkens in Nederland nauwelijks de vijf procent haalde, ligt dat nu in de richting van 75 procent. De ambitie is om in 2015 castratie volledig uit de reguliere varkensketen te bannen. Nederland loopt hiermee voor op landen als België en Italië, loopt in op Engeland, waar niet gecastreerd wordt, en loopt vooruit op de Europese afspraak om in 2018 te stoppen met het castreren van biggen in de EU.

Beregeur minder aanwezig

Tijdens de vijfjarige zoektocht is gebleken dat berengeur niet wordt waargenomen bij de veronderstelde twintig procent van de varkens, maar slechts bij zo’n vier procent. Lang niet alle consumenten ruiken berengeur, en als ze het überhaupt al ruiken dan vinden ze het niet persé stinken. Eén op de vijf consumenten vindt androstenon zelfs lekker ruiken. Kortom, berengeur is minder aanwezig en negatief dan altijd werd aangenomen. De menselijke neus (HNS-detectie) is tot op heden de meest betrouwbare methode om berengeur te ontdekken. Uit het onderzoek bleek dat goed geselecteerde en getrainde geurmeesters hun werk betrouwbaar kunnen uitvoeren. Het gaat bij berengeur om skatol en androstenon; de testers kunnen deze stoffen goed detecteren.


(Bron foto: Boars 2018)