Kippen. Bron: Wageningen UR Livestock Research

Dossier

Welzijn leghennen

In Nederland worden in totaal zo’n 45 miljoen (opfok)leghennen gehouden. Er bestaan verschillende typen huisvestingssystemen waarin de dieren worden gehouden.

Inleiding

Er bestaan verschillende typen huisvestingssystemen waarin de dieren worden gehouden. Traditioneel wordt hierbij onderscheid gemaakt tussen kooihuisvestingssystemen enerzijds en alternatieve huisvestingssystemen anderzijds. Binnen deze laatste categorie wordt onderscheid gemaakt tussen scharrelsystemen (zonder uitloop), scharrelsystemen met vrije uitloop en biologische huisvesting.

In dit dossier worden de belangrijkste welzijnsproblemen bij leghennen besproken. De welzijnsproblemen zijn ingedeeld naar de vier hoofdcategorieën (gedrag, gezondheid, comfort en voeding) van de Welfare Quality indeling

Gedragsbeperkingen

In de pluimveehouderij kunnen leghennen onder verschillende omstandigheden niet het volledige natuurlijke gedragsrepetoire uitoefenen. Zo besteden kippen onder semi-natuurlijke omstandigheden 60% tot 90% van hun tijd aan het eten en voedselzoekgedrag. In de intensieve houderij ligt dit met 45% beduidend lager. Verrijkte kooisystemen, groepskooien en koloniehuisvesting hebben beperkingen voor het scharrelen, fladderen, stofbaden, rusten en nestgedrag.

Verenpikken en kannibalisme

Gedragsproblemen als verenpikken en kannibalisme komen nog veelvuldig voor en kunnen veel ongerief (pijn, verwondingen, uitval) veroorzaken. Deze gedragsproblemen komen in alle systemen voor. Er is geen éénduidige oorzaak voor verenpikken aan te wijzen. Factoren die invloed hebben op de mate van verenpikken zijn: aanleg, strooiselmanagement, strooisel in de vroege opfok, lichtmanagement, angst voor mensen, groepsgrootte, moederloze opfok, zitstokken, bezetting, klimaat, uitloop, en samenstelling en vorm van het voer.

Endoparasieten en bacteriën

Besmetting met endoparasieten geeft onder andere maagdarm- en verteringsstoornissen. Secundaire (bacteriële) infecties, zoals E-coli, dragen hier mede aan bij. Doorgaans hebben worminfecties geen acuut verloop, maar geven ze meer chronische verschijnselen. Door een slechtere opname van voedingsstoffen kan de productie verminderen. Bij lichte besmettingen is meestal weinig aan de kippen te merken. Echter, in extremere gevallen vermageren de dieren aanzienlijk. Kooisystemen hebben als voordeel dat de hennen minder met mest in aanraking komen. Hierdoor is de kans op wormbesmettingen en coccidiose kleiner.

Vogelmijt

De levenscyclus van bloedluis (vogelmijt), bron: Kipsignalen

Vogelmijt veroorzaakt ongerief zoals jeuk, bloedarmoede, en verstoorde rust. Bij ernstige besmettingen is de uitval verhoogd.Structurele oplossingen zijn nog niet direct voorhanden. Diverse bestrijdingsconcepten, waaronder het inzetten van natuurlijke vijanden, zijn onderwerp van onderzoek.

Botbreuken

Leghennen kunnen botbreuken oplopen door botsingen met onderdelen van het huisvestingssysteem. Daarnaast dragen slecht ontworpen zitstokken bij aan vervormingen van het borstbeen. Ook lopen hennen risico's bij het vangen voor slachten en opkratten. Oplossingsrichtingen zijn genetische selectie op sterkere botten, aanpassen voerstrategie (betere opname calcium), aandacht voor de kwetsbaarheid van pluimvee bij het vangen en hanteren, angst verminderen om schrikreacties te beperken, en beter inrichten van het systeem om botsingen met onderdelen van het systeem te verminderen.

Negatieve omgang

graan%20strooien.jpg

De kwaliteit van de omgang met pluimvee heeft gevolgen voor de mate van angst die kippen voor mensen ontwikkelen. Naar schatting is de helft van het pluimvee in meerdere of mindere mate bang voor mensen. Dit veroorzaakt stress bij de dieren, waardoor ongewenste gedragsveranderingen optreden, zoals schrikreacties. Deze kunnen weer leiden tot verwondingen en botbreuken.

- Helaas, uw cookie-instellingen zijn zodanig dat de Video niet getoond kan worden - pas uw permissie voor cookies aan

- Helaas, uw cookie-instellingen zijn zodanig dat de Video niet getoond kan worden - pas uw permissie voor cookies aan

Laatste wijziging aan dit dossier:

10 februari 2016


Bron introfoto: Wageningen UR Livestock Research