vervuild water, foto shutterstock

Nieuws

Bestrijding blauwalgen bij bron

Gepubliceerd op
26 juli 2017

Blauwalgen in het water kunnen zich snel vermeerderen en zo overlast veroorzaken, wanneer er veel fosfaat aanwezig is. Door het aanwezig fosfaat weg te halen, kun je het probleem oplossen, mits je alle fosfaatbronnen aanpakt.

Blauwalgen zijn bacteriën die een blauwgroene pigment fycocyanine bevatten. Ze worden daarom aangeduid als cyanobacteriën. Ze leven van licht, koolstofdioxide en in het water opgeloste voedingsstoffenen en produceren zuurstof. Onder sommige omstandigheden kunnen blauwalgen zich snel vermeerderen. Wanneer er veel voedingsstoffen in het water zitten, vooraal fosfaat, ontstaat zogenaamde 'blauwalgenbloei'.

Algenbloei

Soms gaat het om plekken waar mensen er veel overlast van ondervinden, zoals in zwemplassen of stadsvijvers. De dode blauwalgen vormen een stikende drijflaag. Bij de afbraak van de algencellen wordt veel zuurstof gebruikt waardoor vissterfte kan ontstaan. En een gevaar van blauwalg is dat ze gifstoffen produceren, de zogenaamde cyanotoxines. Waterbeheerders zoeken daarom naar de beste methode om blauwalgenbloei aan te pakken. Guido Waajen, bioloog bij waterschap Brabantse Delta, voerde promotieonderzoek uit. Op 3 mei verdedigde hij zijn dissertatie 'Eco-engineering for clarity'. Wagenings Universiteitsblad 'Resource' schreef er over in het artikel 'Bestrijding blauwalg is maatwerk'.

Fosfaatbronnen

Omdat fosfaat een belangrijke factor is voor het succes van blauwalg, lijkt de oplossing simpel. Zorg dat je overvloedig fosfaat weghaalt, en het probleem is opgelost. Maar de praktijk blijkt weerbarstiger. Er zijn verschillende fosfaatbronnen. Veel fosfaat zit in het sediment op de bodem: de interne fosfaatbron. En er zijn externe fosfaatbronnen. Je moet weten waar het fosfaat vandaan komt, wil je het goed aanpakken, is het idee van Waajen. 

Flock & Lock

Je kunt fosfaatverontreiniging op drie manieren aanpakken: baggeren van de bodem, met de 'Flock & Lock-methode' en door biologisch beheer: het aanpassen van de visstand. De 'Flock & Lock-methode' is gebaseerd op twee principes: Je zorgt dat de algen met een vlokmiddel naar de bodem zakken. Dat vlokmddel is een zoutoplossing (poly-aluminiumchloride) die in water aluminiumhydroxide vormt. Dat zinkt in vlokken naar de bodem en vangt onderweg de algen in. Binding van fosfaat, het 'lock-principe', doe je met een fosfaatfixatief, Poslock. Dat is een met lanthaan verrijkte klei die goed fosfor bindt.

Biologisch beheer

Biologisch beheer is gericht op het aanpassen van de visstand en het uitzetten van ondergedoken waterplanten. Je zorgt zo dat bodemwoelende en zoöplanktonetende vis verwijdert en dat er een lagere visstand komt. In de praktijk wordt karper vaak door soorten snoek en blankvoorn. Zo krijg je minder opwerveling van bodemmateriaal en een hogere graasdruk op algen. Het water wordt minder troebel waardoor de omstandigheden voor waterplanten verbeteren. En die waterplanten nemen weer een deel van het fosfaat op.

De combinatie van methoden werkt, mits de toevoer van fosfaat van buitenaf de boel niet verziekt. Wil je een geslaagde aanpak, dan moet je alle bronnen voor fosfaatvervuiling aanpakken.

(Bron foto: Shutterstock)