Tractor bestrijdingsmiddel, foto: Thinkstock

Nieuws

Bestrijdingsmiddelen: vragen en antwoorden

Gepubliceerd op
10 juni 2014

De GGD'en krijgen vaak vragen van burgers, bewonersgroepen en gemeenten over de risico's van het gebruik van bestrijdingsmiddelen. Een informatieblad met de meest gestelde vragen en antwoorden daarop kan de gezondheidsdiensten ondersteunen in hun informatievoorziening.

Het informatieblad ‘Bestrijdingsmiddelen: gewasbeschermingsmiddelen en biociden’ is uitgegeven door het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) en is voor een groot deel gebaseerd op advies van de Gezondheidsraad.

Type gewasbeschermingsmiddelen

‘Het informatieblad bevat onder andere informatie over typen bestrijdingsmiddelen, de wijze waarop deze producten officieel worden toegelaten, welke regelgeving daarbij hoort, en welke lacunes in de toelatingsprocedure zitten’, is te lezen in de uitgave. Met het oog op het laatste wordt onder meer verwezen naar lopend en voorgesteld onderzoek.

Typen gewasbeschermingsmiddelen die in het blad worden genoemd, zijn: Acariciden (gericht op mijten); Fungiciden (gericht op schimmels); Herbiciden (gericht op onkruiden); Insecticiden (gericht op insecten); Mollusciciden (gericht op slakken); Nematiciden (gericht op bodemaaltjes) en Rodenticiden (gericht op knaagdieren).

Blootstelling en gezondheidsrisico’s

In een nieuwsbericht, verwijzend naar het informatieblad, meldt het RIVM: ‘Hoewel het gebruik van chemische gewasbeschermingsmiddelen in Nederland daalt, worden ze bij verschillende teelten intensief gebruikt’. Mensen kunnen op diverse manieren in aanraking komen met gewasbeschermingsmiddelen. Denk aan omwonenden en passanten van percelen waar de middelen worden gebruikt, aan blootstelling via voeding, blootstelling via drinkwater en blootstelling via zwemwater.

In het informatieblad wordt verder behandeld wat de gezondheidsrisico’s zijn voor verschillende doelgroepen. Uit onderzoek, zo is eveneens te lezen in het informatieblad, blijkt dat ‘het aandeel mensen dat bezorgd of ernstig bezorgd is over de eigen veiligheid in een ‘landbouw- of bollenteeltgebied’’ tussen 1998 en 2008 is gestegen van 11% naar 18% procent.


(Bron foto: Thinkstock)