Imker met honingraat. Foto: Thinkstock

Nieuws

Bijen houden zonder rugpijn met de Golzkast

Gepubliceerd op
27 augustus 2015

De Golzkast is genoemd naar zijn ontwerper, Wolfgang Golz. Vanwege de belangstelling voor het imkeren met deze kast, heeft het vakblad Bijenhouden er uitgebreid aandacht aan besteed.

"Een vrijwel vierkante bovenbehandelingskast op werkniveau, al het werk kan op stahoogte worden gedaan." Zo wordt in het artikel "Niet tillen. Wel écht bijenhouden", de Golzkast geïntroduceerd. Daarna wordt eerst de opbouw van de bijenkast beschreven: "Broed- en honingruimte bevinden zich bij de Golzkast in één vlak, achter elkaar, gescheiden door een ingebouwd verticaal moerrooster. De ramen voor en achter dat rooster staan in koudbouw, haaks op de vliegspleet, broed bij de vliegopening, honing erachter. De kast staat op een bok en behandeling vindt plaats vanaf de beide zijkanten, van de achterkant en van bovenaf natuurlijk. Je kunt er bij blijven zitten."

'Oude mannenkast'

De kast is toegankelijk van bovenaf. Na het afnemen of opklappen van het deksel en de twee isolatieplaten heb je direct een overzicht over de beide ruimtes. Bewerking van broed en honingruimte gebeurt dus zonder tillen. Volgens het eerste deel van het artikel "Imkeren met de Golzkast", heeft de kast hierdoor het imago van ‘oudemannenkast’ gekregen. "Maar imkers van allerlei leeftijden en van beiderlei geslacht gebruiken de Golzkast."

Verschil met stapelkast

In het artikel worden ook de belangrijkste verschillen met de meer gebruikelijke stapelkast opgesomd:

  • Extra ruimte voor het volk kan alleen worden gegeven door de honingkamer vrij te geven. Deze is gescheiden van de broedruimte door een verticaal moerrooster. Het opzetten van een tweede etage met raampjes is niet voorzien; en ook niet nodig bij de juiste bedrijfswijze.
  • De niet-gebruikte raampjes (bijvoorbeeld voor de honingkamer) worden in een
    aparte kist opgeslagen.
  • Het grootste verschil met de stapelkast is dat alle raampjes zich op dezelfde werkhoogte bevinden: goed voor de rug!

Door zijn opbouw is de Golzkast niet zo geschikt om vaak te verplaatsen. De meeste imkers die in de praktijk gebruik maken van Golzkasten zijn daarom standimkers. In het artikel, dat oorspronkelijk was gepubliceerd in de Allgemeine Deutsche Imker Zeitung (ADIZ) 2012 nr. 1, maar door Bijenhouden in het Nederlands is vertaald, wordt een uitgebreide beschrijving gegeven van hoe je kan werken met de Golzkast. Klik hier voor deel twee en hier voor het derde deel van het artikel.

Foto: Thinkstock