Blogpost

Hoezo betere bodem? Waarom telen we niet zonder grond?

Gepubliceerd op
22 juni 2016

Deel 3 van het drieluik 'Eten uit een speculatielandschap'. Drieluik vol speculatie over voedsellandschappen van de toekomst.

Veranderingen in de landbouw hebben het landschap drastisch op zijn kop gezet. Nu problemen zoals vervuiling, klimaatverandering en bodemuitputting zich opstapelen, staat de Nederlandse landbouw wellicht aan de vooravond van een nieuwe veranderingsgolf.

De landbouw is goeddeels afhankelijk van een gezonde bodem. Mislukt dat, dan overheersen ziekten en groeit het gewas slecht.

Bodemloze landbouw
Door de bodem te sturen, kunnen ziekten afnemen terwijl de hoeveelheid nuttige organismen juist toeneemt. Zo helpen mycorrhizaschimmels de plant om voedingsstoffen op te nemen. Veel boeren doen dan ook hard hun best om de bodem gezond te houden. Hoe lang nog? Uiteindelijk hebben ook nuttige organismen voedsel nodig, en dat gaat indirect ten koste van gewasgroei. Zo kunnen zelfs de nuttige mycorrhizaschimmels zich in sommige gevallen als een parasiet gedragen. In plaats daarvan kan de bodem ook worden vervangen door een voedingsvloeistof.

Misschien wordt voedsel straks verbouwd in een steriele omgeving, ontoegankelijk voor onbevoegden. (Foto: CoolFarm)
Misschien wordt voedsel straks verbouwd in een steriele omgeving, ontoegankelijk voor onbevoegden. (Foto: CoolFarm)

In veel kassen staan de tomaten nu al zonder grond, bijvoorbeeld op steenwol. Bij Wageningen UR gaan ze zelfs een stapje verder; daar worden enkele gewassen zoals sla en prei geteeld op water. De oogst daarvan is aanzienlijk hoger dan die in conventionele vollegrondsteelt. Zo is de opbrengst van prei maar liefst vier keer zo hoog. Voordeel van ‘teelt op water’ is dat de opname van de plant exact gestuurd kan worden en er dus geen voedingstoffen verloren gaan. Uitspoeling van nitraat en fosfaat is daarmee verleden tijd, waardoor ook het grondwater schoner wordt.

Natuurloze landbouw
Ook de rest van de natuur kun je zo op afstand zetten. Door het landschap nog sterieler te maken, kun je vermijden dat plagen zich goed kunnen verspreiden. Niet alleen natuurlijke vijanden, maar ook plaaginsecten hebben immers plekken nodig om te overwinteren. Plaaguitbraken die er zijn, kunnen gericht worden gemonitord, bijvoorbeeld met remote sensing, een techniek waarbij men aan de hand van lichtweerkaatsing de plantengroei kan volgen. Via remote sensing is zelfs te zien welke antistoffen een plant maakt en dus ook of een plant wordt aangevreten. Dat maakt dat toekomstige boeren een plaag in een vroegtijdig stadium geheel kunnen onderdrukken. In Portugal is het bedrijf CoolFarm nu al bezig om dit soort meettechnieken commercieel toepasbaar te maken.

Voor het landschap kunnen dit soort technieken enorme gevolgen hebben. Grote vlaktes met kunstlandbouw kunnen worden afgewisseld met uitgestrekt wilde natuur (er is immers minder ruimte nodig) en steden.

De landbouw zelf wordt dan een steriel systeem, wellicht zelfs afgesloten van de buitenwereld om besmettingen te voorkomen.

Dit was het laatste blog uit een drieluik vol speculatie over voedsellandschappen van de toekomst. Hoe de landbouw er in de toekomst echt uit gaat zien, blijft natuurlijk onduidelijk.

Lees hier de andere twee blogs terug:
Deel 1: Akker is dynamischer dan Amsterdam
Deel 2: Natuur als boer