Besproeiing, foto: Thinkstock

Nieuws

Hoger eiwitgehalte in de graskuil

Gepubliceerd op
8 mei 2013

Minder stikstof betekent een lager eiwitgehalte in gras. De lagere stikstofgiften - gevolg van bemestingsbeleid - laten sporen achter in het eiwitgehalte van het gras in voorjaarskuilen. De eiwitgehaltes dalen.

Vakblad 'Veeteelt' besteedt in een aantal artikelen aandacht aan de eiwitgehaltes in gras in relatie tot bemesting. In 1996 bevatte elke kilo droge stof kuilvoer nog 207 gram ruw eiwit, in 2012 was dat gemiddeld 143 gram. Er zijn bij BLGG AgroXpertus zelfs monsters binnengekomen die niet meer dan 80 gram ruwe eiwit per kilo droge stof bevatten. Een koe heeft een rantsoen nodig van 15 tot 15,5% eiwit.

Dalend ewitgehalte

Weersomstandigheden spelen natuurlijk een rol als het gaat om eiwitgehaltes. In 2012 was het voorjaar nat. Het gras bleef daardoor langer staan, bovendien zorgde de regen voor stikstofverliezen. Wanneer een melkveehouder een stikstofbemesting geeft voor 3 ton droge stof, en vervolgens 4 of 5 ton oogst, is het te verwachten dat het eiwitgehalte daalt. Feit blijft dat de gemiddelde stikstofgift door het mestbeleid fors gedaald is. Twintig jaar geleden was een gift van  400 kg stikstof per ha gebruikelijk, nu is dat niet meer dan 250 kg stikstof. Een vuistregel is dat elke kilo stikstof 6,25 kilo ruwe eiwit op kan leveren.

Maaimoment

Veehouders moeten daarom de focus verleggen naar het juiste maaimoment, schrijft het vakblad. Het is beter op tijd te maaien en een voorjaarskuil te maken van gras met 170 gram eiwit per kilo droge stof en een drogestofgehalte van 30 procent dan een paar  dagen te wachten tot het gras een drogestofgehalte van 40 procent heeft en een eiwitgehalte van 140 gram ruwe eiwit per kilo drogestof.

Voorbeelden

Voor de eerste snede moet stikstof vooral uit kunstmest komen. Drijfmest levert vooral  fosfaat, kalium en organisch gebonden stikstof. Het heeft een langere, maar ook langzamere werking op de groei van het gras. In twee artikelen laat het vakblad zien hoe melkveehouders de bedrijfsvoering aanpassen om optimale eiwitgehaltes te bereiken. Jos Siebes gebruikt als kunstmest een eigen mengsel met 21% stikstof, 9% zwavel, 6% natrium en 3% magnesium. En Arie Mourik gebruikt vloeibare kunstmest wat resulteert in voor de koeien beter verteerbaar eiwit. Hij bespaart zo op eiwitrijk krachtvoer.


(Bron foto: Thinkstock)