Geit, foto: Pixabay

Nieuws

Meer aandacht voor geitenfokkerij

Gepubliceerd op
14 maart 2016

De Nederlandse geitenhouders kunnen een kwaliteitsslag maken door meer aandacht te besteden aan de fokkerij. Het gaat niet alleen om productieaanleg, maar om meer.

Bij geitenhouders is te weinig aandacht voor de fokkerij vindt geitenfokker Klaas Sjoerd Meekma uit Deinum. 'We moeten betere geiten fokken', zegt hij in een artikel in vakblad Geitenhouderij. De productie van de Nederlandse melkgeit is de laatste jaren verbeterd, zo schrijft het vakblad. Er is vooruitgang geboekt in milieu en de omgeving van het dier. Door duurmelken, waarbij de geiten meerdere jaren worden gemolken zonder tussentijds aflammeren, is de productie toegenomen, evenals door verbeterd melkvoer en verbeterde stallen. 70 % van de prestatie van het dier wordt bepaald door externe omstandigheden, de overige 30 % is genetica, weet Meekma. 'Voor de fokkerij is te weinig aandacht geweest'.

Kenmerken

De geitenfokker legt in het artikel uit waar hij op let: Een goede geit heeft sterke longen, niet vervet, heeft goede benen en uier en is niet gevoelig voor mastitis. Keumeester Pieter Schoenmakers, gaat in een tweede artikel 'Hoe aanleg uitkomt' dat in dezelfde editie van het vakblad verscheen, in op kenmerken van goede geiten. Alleen letten op productieaanleg is niet voldoende, vindt hij. Je moet op het geheel letten. De verhoudingen van de geit moeten goed zijn. 'Een geit moet in balans zijn', zo zegt hij.

Autisten

Naast de aandacht voor fokkerijaspecten, geeft Schoenmakers nog wat adviezen. Zo is het belangrijk dat geiten over voldoende ruimte, licht en water kunnen beschikken. Veel geitenhouders houden voor hun melkgeiten 1,15 m2 per dier aan, maar beter is 1,5m2 per dier. En Schoenmakers houdt als vuistregel voor belichting 250 lux op dierniveau aan. Hij geeft geiten 16 uur licht.

Daarnaast hebben geiten rust en regelmaat nodig. 'Je moet ze moet behandelen als autisten', zegt Schoenmaker. Behandel ze elke dag hetzelfde, voorkom zo veel mogelijks stressfactoren. Pas als de basis goed is, kun je optimaliseren.

(Bron foto: Pixabay)