Buitencentrum Foto Anita from Den Haag via Wikimedia Commons

Nieuws

Natuurervaringen bij School in bos

Gepubliceerd op
11 maart 2017

Al 40 jaar ontvangt School in Bos kinderen van Haagse basisscholen voor een weekprogramma op het buitencentrum in Drenthe. De kinderen maken kennis met natuur en prehistorie. De ervaringen hebben invloed op bewustwording van de natuur.

In 1974 begon Jan Wartena op het buitencentrum van de gemeente Den Haag in het Drentse Wilhelminaoord met een natuurwerkweek voor 30 kinderen van Haagse basisscholen. De kinderen maakten er kennis met natuur, geschiedenis en het buitenleven. Het Buitencentrum 'School in bos' was een initiatief van de Stichting Vrienden van School in Bos die was opgericht door een aantal enthousiaste leerkrachten naar voorbeeld van het Duitse 'Schule im Wald. Het idee is dat kinderen tijdens natuurwerkweken de natuur beleven, dat ze op een praktische manier kennis opdoen over natuur en geschiedenis.

Verwondering

Nog steeds komen er het hele jaar elke week 70 tot 80 leerlingen naar Wilhelminaoord. Ze verkennen de omgeving, voeren bosbeheer uit en maken kennis met het leven in de prehistorie. Ze leren ze vuursteen bewerken, luisteren naar verhalen en eten een prehistorische maaltijd. School in Bos wil de kinderen de natuur laten beleven, dat ze verwondering en waardering krijgen voor de natuur en dat ze zich verantwoordelijk voelen voor natuur en milieu. Maar werkt dat ook?

De Stichting Vrienden van School in Bos vroeg aan de Wetenschapswinkel Wageningen UR een effectstudie uit te voeren. Wat is het effect op korte termijn op houding en gedrag van kinderen? En wat zijn effecten op lange termijn? In hoeverre is houding en gedrag bij oud-deelnemers beïnvloed door de werkweek? Hoe kijken ze terug op de deelname aan de week in Wilhelminaoord?

Positieve herinneringen

Studenten voerden enquêtes uit en hielden diepte-interviews onder oud-deelnemers. In 2016 publiceerde de Wageningse Master studente Rianne Steenbergen haar verslag 'School in Bos, een ervaring voor het leven?'. Dat onderzoek was een vervolg op een eerdere verkenning door de Wageningse studente Carien Meppelink, die in 2015 haar stageverslag 'Een stukje Drenthe in Den Haag' schreef.

De oud-deelnemers hebben in het algemeen - zelfs na 40 jaar - levendige en positieve herinneringen aan de week in Wilhelminaoord, concludeert Steenbergen. Vooral de prehistorische dag is veel oud-deelnemers bijgebleven. Ook noemen ze veel herinneringen aan de verhalen, de dieren en de fietstocht.

Levenservaring

Hun eigen betrokkenheid bij natuur en milieu is groot, zeggen de oud-deelnemers. En de werkweek in Wilhelminaoord speelt er een rol in. Bijna de helft van de geënquêteerden noemt een effect van de week: Het opdoen van kennis van natuur en geschiedenis het meest wordt genoemd. Andere effecten zijn sociale aspecten, bewustwording van natuur en een toename van de interesse in natuur en geschiedenis, het natuurbezoek, de liefde voor natuur en het respect voor natuur.

Uit het onderzoek is duidelijk geworden dat de week een belangrijke en positieve levenservaring is geweest voor een deel van de oud-deelnemers. De ervaringen hebben de natuurverbondenheid en de verantwoordelijkheid voor natuur en milieu van een deel van de oud-deelnemers beïnvloed. Maar Steenbergen kan geen conclusies trekken over de mate waarin dat is gebeurd.

(Bron foto: Anita from Den Haag via Wikimedia Commons)