Nieuws

Over bloemkool, boerenkool, broccoli, sluitkool, spruitkool en koolrabi

Gepubliceerd op
10 maart 2017

In 1520 werd in Denemarken al witte kool geteeld door Nederlandse tuinders: de Deense Bewaarwitte. En wist u dat de botanische naam voor boerenkool, Brassica oleracea acephala, letterlijk vertaald: “Kool uit de moestuin zonder kop” betekent? Meer van deze weetjes staan in de vernieuwde brochure: Kool in Nederland, geschiedenis van teelt en veredeling.

Gewas met grote diversiteit

Kool, Brassica oleracea, kent vele gewastypen, zoals sluitkool, bloemkool, spruitkool, koolrabi, boerenkool en broccoli. Deze zijn door de eeuwen heen in Europa geselecteerd. De selectie van sluitkool vond waarschijnlijk al plaats in de Romeinse tijd. Later ontstond in Midden-Europa de koolrabi door selectie op steeldikte en in Italië de bloemkool door selectie op niet volgroeide bloemknoppen.

Kool en zaadteelt in Nederland

In de Middeleeuwen was er al een sterke concentratie van de koolteelt in Noord-Holland, tussen Hoorn en Enkhuizen en in de Langedijk. Hier zijn dan ook vanaf de 19e eeuw de meeste zaadproductiebedrijven ontstaan die ook zaden en verbeterde koolrassen, met succes, op de Europese, Noord-Amerikaanse en Russische markt brachten. Na de crisis van de jaren 30 en de tweede wereldoorlog dreigde deze afzetmarkten verloren te gaan. Om een omschakeling te maken naar een grootschalige, geïndustrialiseerde en exportgerichte land- en tuinbouw moest de ontwikkeling en productie van nieuwe rassen gemoderniseerd worden.  De verbetering van kool ging van selectie naar veredeling.

Strijd om de markt

Het Instituut voor de Veredeling van Tuinbouwgewassen (IVT) in Wageningen speelde een grote rol in de modernisering van de zaadteelt. Het IVT verzorgde veredelingsdagen en selecteurscursussen en leverde “halffabricaten” aan het bedrijfsleven. Het IVT voerde ook onderzoek uit naar de productie van hybriden om de concurrentie met het Japanse Takii het hoofd te bieden. Door de samenwerking tussen IVT en de Nederlandse bedrijven konden in midden jaren ’60 de eerste spruitkoolhybriden op de markt gebracht worden. Nederland had zijn positie op de internationale markt weer heroverd. Sinds die tijd is het speelveld in de veredeling sterk veranderd door schaalvergroting, internationalisering en fusies. In 2016 zijn een achttal bedrijven actief in de koolveredeling.

Bewaren van oude rassen

Door de komst van hybride rassen dreigden oude rassen en tuinderselecties verloren te gaan. Daarom begon het IVT in Wageningen in 1978 met het verzamelen van dit materiaal. Dit materiaal is later door het Centrum voor Genetische Bronnen Nederland (CGN) in de collectie opgenomen. Hierdoor is het uitgangsmateriaal voor het veredelingswerk veilig gesteld en beschikbaar gemaakt voor gebruik.

Noortje Bas, Centrum voor Genetische Bronnen Nederland, noortje.bas@wur.nl

(Bron foto: Neo & Co)