Handpalmen, zonsondergang: Pixabay

Nieuws

Rijk lijkt natuurregie uit handen te geven

Gepubliceerd op
26 november 2015

Betreffende natuur is er enerzijds lof voor de overheid in de persoon van Sharon Dijksma. Anderzijds is er kritiek: het Rijk lijkt de regie over natuur van nationaal belang uit handen te geven.

De lof en kritiek worden beschreven in één document: Monumenten: Inspiratiebron voor natuur! – Eindrapport van de Commissie van Vollenhoven. Gesteld wordt dat de Staatssecretaris Dijksma, Economische Zaken, met de Wet natuurbescherming (aangenomen op 2 juli 2015) voorsorteert op verschillende belangrijke uitgangspunten van het advies dat de commissie op haar verzoek schreef.

Kritiekpunten

Daarna merkt de commissie echter op: 'Toch bestaat bij de commissie de indruk dat het Rijk met het nieuwe wetgevingsstelsel en de achterliggende filosofie van de wet, de regie over de natuur van nationaal belang uit handen lijkt te geven'. De commissie geeft een korte opsomming van de punten van kritiek, aangaande: aanwijzing Natura 2000-gebieden, aanwijzing 'bijzondere nationale natuurgebieden', aanwijzing Nationaal Parken, vaststellen van een nationale natuurvisie, aanwijzing 'bijzondere provinciale natuurgebieden'. 

Natura 2000 en de EU-zondebok

Per onderwerp wordt het pijnpunt blootgelegd. Zo maakt het nieuwe wetgevingsstelsel, betreffende bijvoorbeeld Natura 2000-gebieden, ons land wel erg afhankelijk van de Europese Unie (EU). Het maakt de EU ook tot een soort zondebok. Zo kan Nederland wel een gebied aandragen, maar de Europese Commissie (EC) kan verzuimen deze op te nemen als communautair belangrijk. Hierdoor, meldt de Commissie van Vollenhoven, 'heeft het Rijk op grond van de Wet natuurbescherming geen enkele mogelijkheid meer om dat gebied van nationaal belang te beschermen'.

Monumentenbeleid

En zo werkt de commissie punt voor punt af in haar rapport. Dat doet zij overigens door mede te rade te gaan bij het monumentenbeleid (ook gezien de achtergrond van Prof. mr. Pieter van Vollenhoven). Uitgangspunt is dat natuurbeleid hier wellicht van kan leren. Onder meer uit de aanbevelingen blijkt dat de link met monumentenbeleid is gelegd. Zo is er het advies om de rijksnatuurmonumenten de krachten te laten bundelen en zich waar mogelijk te verbinden met provinciale en gemeentelijke natuurmonumenten: 'Een dergelijke krachtenbundeling zien we ook bij de monumenten. De Monumentenwet 1988 definieert beschermde stads- en dorpsgezichten [...]'.

De rijksnatuurmonumenten waarover de commissie schrijft, moeten er volgens haar ook meer worden dan de huidige 163 aangewezen Natura 2000-gebieden. Op basis van diverse criteria komt de commissie op 213 van die natuurmonumenten (inclusief de genoemde 163).

De 7 aanbevelingen van de commissie, kortweg:

  1. Handhaaf de natuurgebieden van nationaal belang (rijksnatuurmonumenten) die met eerdere wet‐ en regelgeving werden aangewezen
  2. Bundel rijksnatuurmonumenten in Nationale Parken (nieuwe stijl)
  3. Doe voor de zorg voor natuur een groter beroep op de samenleving
  4. Maak de financiering gebiedsgericht en daarmee transparant
  5. Richt gebiedsfondsen op voor de Nationale Parken
  6. Biedt fiscale arrangementen voor zorg voor de natuur
  7. Ga door met ervaring opdoen met de denklijnen van de commissie in thematische praktijkpilots, onder onafhankelijke begeleiding

(Bron foto: Pixabay)