Winkelwagens in kringetje, foto: Pixabay

Nieuws

Tweede leven voor 185.000 ton supermarktvoedsel

Gepubliceerd op
12 mei 2015

Onder 165 supermarkten is onderzocht hoe groot hun voedselrestroom is en hoe die kan worden verkleind of worden verwaard. De reststroom is geschat op 185.000 ton.

De schatting is gebaseerd op omzetcijfers, omdat de betreffende supermarkten over het algemeen hun voedselreststromen niet bijhouden in aantallen kilogram. Wageningen UR (WUR) Food & Biobased Research dat het rapport Verwaarding van voedselreststromen uit supermarkten opstelde in opdracht van het Ministerie van Economische Zaken: 'Uitgedrukt in economische waarde zou dit neerkomen op een verlies van 3,58%' (niet verkocht [reststroom, diefstal] en afgeprijsd verkocht). 

Reststromen: waarde en kilo's

Uitgedrukt in waarde is de economische derving onder slagerijproducten het grootst. Binnen deze productgroep is jaarlijks gemiddeld sprake van 9,3% gemiste omzet. Op de tweede plaats komen bakkerijproducten (5,8% economische derving), op de derde AGF (aardappelen, groenten, fruit; 5,6% derving), gevolgd door vleeswaren en kaas (4,7%), zuivel (2,1%) en kruidenierswaren (0,2%). Geschat wordt dat de verliezen, uitgedrukt in kilo's, door de groepen heen iets anders verdeeld zijn. Zo zouden de 165 supermarkten samen jaarlijks kampen met een restroom van 24.000 ton brood, 16.000 ton aan vlees(producten) en 145.000 overige producten. 

Verwaarding en preventie

Binnen de studie is verder onderzocht welke mogelijkheden er zijn om deze reststromen hoogwaardig te verwaarden (met humane consumptie als meest hoogwaardige benutting en storten als laagste). Uit eerder onderzoek, ook uitgevoerd door WUR onder de supermarkten van Ekoplaza, blijkt dat hier zeker mogelijkheden voor zijn. Zo zijn restproducten verwerkt tot de producten Fritatta (een Italiaanse groentenomelet) en groentensoep. In het Groen Kennisnet-nieuwsbericht Kansen voor voeding uit reststromen is te lezen: 'De producten bleken even populair, of zelfs nog iets populairder dan reguliere producten'.

WUR verwijst in haar recentere rapport naar Ekoplaza en adviseert onbenutte directe reststromen via het distributiecentrum door te zetten naar charitatieve organisaties. Verdere adviezen zijn de informatiestroom tussen deze organisaties en de supermarkten te verbeteren en de productaansprakelijkheid van gedoneerde producten te verleggen naar Voedselbanken Nederland. Verder wordt (onder meer) geadviseerd om de mogelijkheden van bioraffinage als verwaardingsoptie te verkennen. Ter preventie wordt geadviseerd 'de mogelijkheden van verlenging van de houdbaarheidsdatum van ongekoelde producten te verkennen en te benutten'.


(Bron foto: Pixabay)