Boomverzorging, foto: Thinkstock

Nieuws

Uitval bomen reduceren met jeugd- en nazorg

Gepubliceerd op
4 juli 2014

In Boomzorg vertelt een groenbeheerder met passie over zijn vak. Hoe hij sortiment, leveranciers, kwekers en aannemers kiest en hoe hij uitval van bomen vermindert. De eerste jaren na aanplant zijn cruciaal, zo blijkt ook uit onderzoek. Jeugd- en nazorg zijn sleutelbegrippen.

In het artikel ‘'Een baby verlies je toch ook geen moment uit het oog?'’, vertelt een groenbeheerder hoe je onder een uitvalspercentrage van 5% kunt komen. Hij geeft adviezen en vertelt over zijn werkwijze. Veel in overleg treden, er bovenop zitten, maar ook vertrouwen schenken zijn belangrijk. Mocht er toch schade ontstaan dan is het soms ook mogelijk om de kosten te verdelen over de gemeente, leverancier en kweker.

Geld onder de grond

Een gemeente die goed voor haar aanplant zorgt, heeft al snel veel geïnvesteerd. In het artikel '‘Iedere honderd euro boven de grond verdient tweehonderd euro in de grond’', wordt geadviseerd om van groen géén sluitpost te maken in (bijvoorbeeld) civiele projecten. Boomzorg: ‘Investeer in grondverbetering en in de aanleg van goede groeiplaats’ (voorzorg plantgat) en bied nazorg aan plantmateriaal.

Onderzoek: nazorg!

Laatstgenoemd advies is gebaseerd op een opmerkelijk resultaat uit onderzoek door twee studenten (CAH Vilentum) naar de reden van uitval (gemeente Opsterland). Zoals de studenten verwachtten was er uitval door nieuwbouw of andere civiele projecten, omdat de grond daar vaak wordt dichtgereden of van slechtere kwaliteit is. Ook vandalisme speelt een rol, maar -zo melden de studenten- ‘het hoge percentage plantuitval was voor het grootste deel terug te herleiden naar de manier van aanleg en onderhoud (nazorg) van het plantmateriaal’.

Zij hebben bewust medewerkers van de buitendienst ondervraagd. Boomzorg: ‘bewoners kijken niet vanuit een technische kant, maar vanuit een ‘netheid’ uitgangspunt’’. Nog meer adviezen en resultaten uit onderzoek zijn te vinden in het artikel ‘Nog steeds teveel dorstige jonge bomen in Nederland’. Aannemers en beheerders (65 respondendenten) vertellen wat volgens hen de hoofdoorzaken zijn van uitval en wat zij daaraan (effectief) doen. Een greep uit de oorzaken: slechte kwaliteit plantmateriaal, te laat planten, te diep geplant, slecht toezicht, gewoonweg ‘slecht bestek’, verdroging/slecht water geven, enzovoorts.

Directie met bomenkennis

De groenbeheerder uit eerstgenoemd artikel weet wel raad met deze issues. Zo neemt hij de regie, ook als het op water geven aankomt. ‘Als je een baby een badje geeft, dan controleer je toch ook eerst de temperatuur, blijf je er toch zelf bij en houd je toch ook het hoofdje van de baby boven water? De eerste jaren na aanplant zijn cruciaal. Wat je dan investeert, verdien je later dubbel en dwars terug’. Ook zorgt hij ervoor dat de aannemers uit de buurt komen, daardoor ‘zijn de transportafstanden kort en de plantlocaties bekend’.

Verder adviseert de beheerder niet te snel over te gaan op bestekleveringen. Directe relaties aangaan met leveranciers is volgens hem de manier. Voor grote gemeenten ligt dat lastiger, maar met goede verslaglegging, goed directievoeren en toezichthouden kan een uitvalpercentage van 5% volgens de hem een maximum zijn. ‘Voorwaarde is wel dat de directie verstand heeft van bomen en direct contact heeft met de leveranciers, sprookjes verkopen kan niet in deze sector’.


(Bron foto: Thinkstock)