Visser, bron Pixabay

Nieuws

Visserslood in de voedselketen

Gepubliceerd op
16 februari 2016

Sportvissers verliezen jaarlijks zo'n 54 ton lood. Een deel ervan kan als het giftige loodoxide in onze voedselketen terecht komen. Alternatieven zijn in ontwikkeling.

Onderzoeksinstituut Deltares berekende in opdracht van Rijkswaterstaat hoeveel lood er via de sportvisserij in het milieu komt. Er zijn ruim 900.000 sportvissers en elke visser verliest jaarlijks gemiddeld ongeveer 60 gram. De sportvissers verliezen gezamenlijk jaarlijks 54 ton lood, aldus het rapport 'Emissie van lood door de sportvisserij in zoete en zoute wateren'. De vissers verliezen dat lood omdat de lijn per ongeluk breekt bijvoorbeeld. Een behoorlijk getal, zo is te lezen in het artikel 'Lood of oud ijzer'. Toen lood nog toegelaten was in de jacht, tot 1993, leverde dat een loodtoename in het jachtveld van 23 ton per jaar.

Giftig

Zo lang lood in water blijft, zou het geen probleem moeten opleveren. Lood reageert niet met water. Maar komt lood in aanraking met vochtige lucht, door baggeren bijvoorbeeld, dan kan het oxideren. Loodoxide is instabiel, kan oplossen en wordt opgenomen door levende organismen. Delteares schat dat van de 54 ton jaarlijks ongeveer 2,58 ton in oplossing gaat. Als je het eerder verloren lood meerekent, zou er jaarlijks zo'n 12,3 ton lood opgenomen kunnen worden in onze voedselketen. Dat is verontrustend, want lood is gevaarlijk. Het is een giftige stof. Lood remt de werking van enkele enzymen. Langdurige blootstelling aan lood veroorzaakt beschadigingen aan het centraal zenuwstelsel die kunnen leiden tot depressie, geheugenverlies en dementie. Het is ook een prioritaire stof in de Kaderrichtlijn Water.

Alternatief

Een verbod op lood in de visserij is er nog niet. De overheid is terughoudend omdat goede alternatieven nog niet beschikbaar zijn. Er zijn wel ontwikkelingen op basis van gietijzer of kiezel als zwaar materiaal. Er is zelfs al een doe-het-zelf-systeem waarmee vissers zelf gewichten kunnen maken van steen.

(Bron foto: Pixabay)