foto: Thinkstock

Nieuws

Winst op voeding per schakel 'niet onevenredig'

Gepubliceerd op
27 december 2014

Sharon Dijksma schrijft dat er geen sprake van lijkt te zijn dat bepaalde schakels in de keten onevenredig veel winst boeken. Zij baseert zich op een studie naar de prijsvorming van voedsel.

Dijksma, staatssecretaris van Economische Zaken (EZ), laat zich uit in de kamerbrief Onderzoeksrapport ''Prijsvorming van Voedsel''. De staatssecretaris stelt verder dat, verwijzend naar de studie, niet zonder meer kan worden onderschreven dat het zwaartepunt van agrifoodketens richting supermarkt verschuift. Nog een conclusie die zij uitlicht in haar brief is dat er geen overtreding heeft plaatsgevonden van artikel 6 van de mededingingswet.

Ook LEI Wageningen UR, geciteerd in een artikel op de site Boerenbusiness, stelt dat de risico’s op ongeoorloofde praktijken vanuit mededingingsrechtelijk oogpunt zeer klein zijn. LEI is samen met Universiteit Utrecht verantwoordelijk voor de uitvoering van de studie Prijsvorming van voedsel waarin, in het bijzonder, is gekeken naar aardappel, appel, brood, eieren, komkommer, paprika, pluimveevlees en ui.

Bruto marges

De kop van het Boerenbusiness-artikel, Supers pakken 68 procent van de uienprijs – onderzoek bruto marges, doet vermoeden dat er wel sprake is van onevenredige winst. Dijksma stelt in haar brief: 'De betekenis van de bruto marge is echter beperkt, omdat het geen inzicht geeft in de toegevoegde waarde die door een bepaalde schakel aan het product wordt toegevoegd en welke kosten worden gemaakt door die schakel'. De bruto marge voor supermarkten varieert van 16% bij 1 kilogram kipfilet en 36% bij brood (bewerkte producten) tot 60% bij paprika en 68% bij uien en appels (onbewerkte producten).

LEI, in het nieuwsbericht Prijsvorming voedselketens variëert sterk: 'De primaire producenten krijgen 14% tot 40% van de consumenteneuro. Een relatief laag deel (minder dan 25%) komt terecht bij de akkerbouwer (graan en uien), komkommerteler en vleeskuikenhouder. Relatief veel komt terecht bij de aardappelteler, fruitteler, paprikateler en leghennenhouder.'

Netto marges en prijsontwikkeling

Ook het LEI merkt op dat een hoge bruto marge niets zegt over winstgevendheid: 'hoge marges zijn nodig om de hoge kosten te vergoeden. Veel bedrijven in de voedselketen behalen een winst die lager is dan 3% van de omzet'.
Tijdens de studie is ook gekeken naar de ontwikkeling van de verkoopprijzen. Zo reageren supermarkten voor wat betreft appels, komkommer, paprika en aardappelen vooral op de prijzen van de primaire producent. Voor eieren wordt meer naar concurrenten gekeken dan dat wordt gereageerd op ontwikkelingen in de keten. Ook voor wat betreft uien en kipfilet worden de jaarlijkse cyclische prijsontwikkelingen minder gevolgd. Verder merkt LEI op: 'De prijs van kipfilet is in de basis constant, maar kent veel actieperioden met prijsdalingen'.

(Bron foto: Thinkstock)