Slachtpaarden, foto: Tros Radar

Nieuws

De waarheid achter paardenvlees in Nederland

Gepubliceerd op
25 maart 2014

Tros Radar heeft gisteren beelden laten zien van paardentransport naar slachthuizen in Noord- en Zuid-Amerika. Veel van ons paardenvlees komt daar vandaan. Paarden worden over langere afstanden vervoerd en de behandeling is verre van goed.

Paardenvlees in Nederlandse schappen

Paardenvlees ligt in de schappen als biefstuk en vleeswaren. Ook is het in talloze snacks terug te vinden, zoals kroketten en frikadellen. Dit vlees is grotendeels afkomstig uit Noord- en Zuid-Amerika. Snackmerken zoals Mora, Ad van Geloven en Beckers halen paardenvlees uit Canada, Mexico en Zuid-Amerika. Van de supermarkten halen onder andere Albert Heijn, Jumbo en Deen paardenvlees uit Noord- en/of Zuid-Amerika. Nederland is samen met België en Frankrijk de grootste afnemer van paardenvlees uit deze landen. In totaal importeert Nederland gemiddeld 7 ton paardenvlees per jaar. Dat komt neer op ongeveer 40.000 paarden per jaar.

Slechte omstandigheden

Verschillende dierenwelzijnsorganisaties, waaronder Eyes on Animals, Tierschutzbund Zürich (Zwitserland) en Animals’ Angels USA hebben de afgelopen twee jaar uitgebreid onderzoek gedaan naar het welzijn van paarden die vanuit Canada, Amerika, Mexico, Argentinie en Urugay naar de EU komen. Het onderzoek behelst de hele route die de paarden afleggen: van de veiling tot aan het slachthuis. Het onderzoek laat zien dat de paarden slecht behandeld worden. Er zijn beelden van zowel het transport naar de slachterijen, als de situatie op verzamelstations, de grens stations en in sommige gevallen de slachterijen zelf. Naar aanleiding hiervan maakte Tros Radar de reportage 'De waarheid achter paardenvlees' over de herkomst van het paardenvlees.

Slachten niet conform Europese standaarden

Slachten conform de EU eisen betekent dat het welzijn van de dieren zoveel als mogelijk gewaarborgd wordt en dat de dieren niet onnodig mogen lijden, waarbij gebruik gemaakt wordt van de vijf vrijheden. Dit staat ver weg van wat in het 2-jarige onderzoek is aangetroffen, ook al staan de slachthuizen die leveren aan Europese landen onder toezicht van de EU. Er is met enige regelmaat geconstateerd dat de slachthuizen niet aan de Europese standaarden voldoen, zoals te gladde vloeren waardoor paarden kunnen uitglijden, gebruik van electrische stokken (verboden in EU), en ontoereikende apparatuur om de dieren te doden.

EU-transporteisen veel strenger

Op het traject dat de paarden afleggen voor zij bij het slachthuis aankomen is de Europese regelgeving niet van toepassing; daar geldt lokale wetgeving. Op het gebied van transport zijn de lokale eisen veel minder streng dan in de EU. Binnen de EU mogen paarden maximaal 24 uur vervoerd worden. En ze horen elke 8 uur water en voedsel te krijgen. Na 24 uur vervoer moeten ze 24 uur kunnen rusten. De vrachtwagens moeten uitgerust zijn met individuele stallen. In de Noord- en Zuid-Amerikaanse landen gelden hele andere regels. Geen enkele vrachtwagen heeft individuele stallen. En de transporttijden zonder water en voedsel zijn veel langer. In Canada en Agentinië mogen paarden maximaal 36 uur aansluitend vervoerd worden. In de VS is dat 28 uur en in Mexico 18 uur. Uruguay kent geen wetgeving wat betreft het transport van paarden.



(Bron foto: Tros Radar)