wateroverlast, foto Shutterstock

Nieuws

Bodemkwaliteit inzetten voor waterbeheer

Gepubliceerd op
22 september 2017

Met goed bodembeheer kun je bijdragen aan goed waterbeheer. Je kunt zo wateroverlast tegengaan, of zoetwatertekorten oplossen. Organische stof speelt daarin een belangrijke rol. Maar water heeft ook invloed op de bodem, zeker in het veenweidegebied.

Dat je met goed bodembeheer het watersysteem kunt beïnvloeden, werd in 2015 duidelijk na het verschijnen van het Stowa-rapport 'Goede Grond voor een Duurzaam Watersysteem'. Dat rapport liet zien dat de bodem meer water op kan nemen wanneer bodemverdichting wordt opgeheven en het organisch stofgehalte toeneemt. Bovendien stroomt minder water af, en wordt de grond ook minder droogtegevoelig. In droge zomers hoef je minder snel te beregenen, bovendien heb je bij hevige neerslag lagere piekafvoeren. Een zelfde soort conclusie is er voor bodemverdichting. Op een verdichte bodem stroomt water sneller af, bovendien kan die grond minder makkelijk water opnemen.

Kwantitatieve gegevens

Als vervolg op dat rapport keken onderzoekers van Wageningen Environmental Research naar meer kwantitatieve gegevens. Wat is precies het effect? Welke meetgegevens zijn er? En welke maatregelen kun je nemen om de bodemkwaliteit te verbeteren? Het rapport 'Effecten van verbetering bodemkwaliteit op waterhuishouding en waterkwaliteit' laat zien wat het effect van bodemverdichting en het organisch stofgehalte is. De potentie van de bodem is groot, aldus het rapport

Bodemverdichting zorgt voor minder verdamping van water. Voor grasland werd bij verdichte bodem een verdampingsreductie gevonden van 13-56 mm per jaar en in snijmaïs tot 46-55 mm per jaar. Het effect hangt uiteraard af van de dikte van die verdichte laag. Bij hevige regenval leidt verdichting tot extra afstroming van enkele mm per jaar op grasland tot 12 mm per jaar voor snijmaïs.

Organische stof

Het organische stofgehalte van de bodem heeft invloed op de waterhuishouding. Maar verhogen van het gehalte aan organische stof in de bodem is een landurig proces. Zo zou van een verhoging van 1% tientallen jaren kunnen duren. Daarom is het lastig in beeld te brengen wat langjarig aanvoer van organische stof doet. Maar duidelijk is dat verhoging van het organisch stofgehalte op zandgronden met een laag organisch stofgehalte (<2%) zinvol is. Het waterbergend vermogen neemt op die gronden duidelijk toe.

Willen waterbeheerders een afgewogen keuze maken voor bodemmaatregelen die bijdragen aan de doelen van goed waterbeheer, dan is het zinvol maatregelen te monitoren. Daarvoor is een handreiking gemaakt.

Bodemdaling

Een heel ander probleem doet zich voor in het veenweide gebied. Voor een goede bedrijfsvoering werkt de landbouw met een laag grondwaterpeil waardoor de veenbodem opdroogt en afgebroken wordt. Dat verlaagde grondwaterpeil werkt bodemdaling in de hand. Nieuwe ontwikkelingen zoals onderwaterdrainage of een dynamisch peilbeheer zou die bodemdaling tegen kunnen gaan. Het Veenweide Innovatie Centrum Zegveld (VIC) onderzoekt mogelijkheden in het onderzoeksproject 'Sturen met Water' waarbij dynamisch peilbeheer een rol speelt. De gedachte daarbij is dat je per perceel de grondwaterstand regelt, bijvoorbeeld via onderwater drainage (OWD).

Het rapport 'Vormgeven aan Sturen met Water' concludeert dat voor de toekomst van het gebied een nieuw watersysteem dat gebaseerd is op onderwaterdrains nodig is. Zo'n systeem is misschien kostbaar op korte termijn, maar op lange termijn kun je zo veel hogere kosten mijden. Het systeem leidt bovendien tot flink minder uitstoot van broeikasgassen, omdat de veenoxidatie wordt afgeremd. De onderzoekers pleiten ervoor die nieuwe watersystemen in gebiedsgerichte aanpak en lerend netwerk te ontwikkelen.

(Bron foto: Shutterstock)