CGN appel collectie, foto: CGN

Nieuws

CGN appelcollectie onder de loep genomen

Gepubliceerd op
28 september 2018

In 2017 en 2018 zijn de oude rassen in de appelcollectie, gecheckt door appeldeskundigen (pomologen) en zijn gegevens over de rassen aangevuld en verbeterd. Hierdoor is de collectie waardevoller geworden voor gebruikers.

De collectie

Het CGN beheert sinds 2002 een appelcollectie met 200 verschillende accessies. Het is de enige veldcollectie van het CGN. De helft bestaat uit oude rassen uit Nederland en omliggende landen die sinds 1976 werden samengebracht in experimentele boomgaard ”de Schuilenburg” in Kesteren, destijds onderdeel van TNO. De andere helft bestaat uit onderzoeks- en kruisingsmateriaal, en wilde appel soorten die in de loop van de tijd zijn toegevoegd. De collectie heeft ook 19 accessies Malus sieversii uit Kazachstan, de wilde voorouder van onze huidige appel. Het beheer is sinds 2002 in handen geweest van medewerkers van het voormalige PPO maar in 2016 overgenomen door een curator van het CGN.

Naamgeving

De afgelopen twee jaar is gebruikt om de collectie te leren kennen en met behulp van pomologen zijn veel oude rassen gecheckt op juistheid van de naamgeving. Pomologen van het Nederlands Fruit Netwerk (NFN) hebben meerdere malen een bezoek gebracht aan de boomgaard in Randwijk om de oude rassen in verschillende stadia te beoordelen. Als er nog twijfels zijn over de juistheid van het ras, wordt verder gezocht.

Een volgende stap is het aanpassen van de collectie. Duplicaten worden verwijderd en mogelijk worden een aantal accessies, die bijvoorbeeld beschikbaar zijn in buitenlandse collecties, vervangen door zeldzame oude rassen. Aanplanten van oude rassen gaat niet zomaar. Er moeten enten verzameld worden en deze moeten op geschikte onderstammen gezet worden. Dit lukt niet altijd meteen. Het duurt minimaal twee jaar voordat er een nieuwe boom geproduceerd is.

Op de website van het CGN zijn alle gegevens over de appelcollectie te vinden.

De oorsprong van de appel (Malus spp) ligt in de gematigde gebieden van Centraal-Azië. Vandaaruit zijn ze waarschijnlijk via de zijderoute verspreid. Appels worden nu wereldwijd geteeld. Oude rassen zijn minder geschikt voor moderne teeltmethoden. Collecties zoals de CGN appelcollectie voorkomen dat de oude rassen uit beeld verdwijnen en leveren ook stekken voor onderzoek en veredeling.

(Bron foto: CGN)