onderwijs, foto Thinkstock

Nieuws

Formatief toetsen blijkt lastig

Gepubliceerd op
15 februari 2018

Docenten spelen een essentiële rol bij formatieve toetsing. Wil formatieve toetsing effect hebben, dan moet een docent een cyclus van vijf fasen doorlopen. Uit onderzoek blijkt dat dit in de praktijk niet het geval is. Bovendien vinden docenten het lastig de juiste didactische vervolgacties in te zetten.

In het onderwijs kun je formatieve toetsen inzetten als leer- of instructiemiddel. Docenten krijgen door het afnemen van zo'n toets zicht op de mate waarop leerlingen de stof beheersen en kunnen de leerstof er op afstemmen. Om effect te hebben spelen docenten een kernrol bij die toetsing. Ze moeten weten hoe ze vakdididactische principes in kunnen zetten of hoe je feedback geeft aan leerlingen. Maar hoe doe je dat?

Wat doet een docent in de klas als hij formatieve toetspraktijken inzet? Dat was de kernvraag van het onderzoeksproject van NRO 'Doelgericht professionaliseren: formatieve toetscompetenties met effect'. Het onderzoeksrapport gaat nader in op de competenties waarover een docent moet beschikken.

Kennis

Zo moeten docenten vakinhoudelijke kennis hebben en moeten ze inzicht hebben in hoe de kennis van de leerlingen zich ontwikkelt. Daarnaast moeten ze beschikken over een vakbekwaam handelingsrepertoire. Ze moeten weten hoe ze gesprekken moeten voeren met leerlingen, hoe ze reacties kunnen ontlokken door goede vragen te stellen. En ze moeten hun lessen er op aan kunnen passen.

Cyclus

In het rapport wordt de formatieve toetsing beschreven aan de hand van een cyclus van vijf fasen:

  1. verwachtingen verhelderen.
  2. leerlingreactie(s) ontlokken
  3. leerlingreactie(s) analyseren en interpreteren
  4. communiceren over resultaten met leerlingen
  5. vervolgacties ondernemen voor onderwijs en leren

Feedback

Idealiter zou een docent al die vijf fasen in samenhang moeten doorlopen. Maar uit het rapport blijkt dat het daarin niet altijd goed gaat. Zo communiceren docenten weinig met de leerlingen (fase 4), terwijl feedback geven de kern van formatief toetsen is. En docenten analyseren niet doelbewust (fase 3), waardoor het geven van feedback ook niet gericht is.

Die laatste fase, het nemen van vervolgacties blijkt bovendien erg lastig voor studenten. Docenten kijken aan de hand van de resultaten vaak of ze het goed hebben gedaan, of ze het goede hebben aangeboden. Maar hoe je goede didactische vervolgacties kiest of vormgeeft, blijkt lastiger voor hen. Daarom zou er in de professionalisering van docenten meer aandacht voor formatief toetsen moeten zijn, vinden de onderzoekers.

(Bron foto: Thinkstock)