Kalf, foto: Thinkstock

Nieuws

Kalveren weiden: niet makkelijk, wel gezond

Gepubliceerd op
8 augustus 2014

Jongvee en kalveren worden, net als melkvee, veel minder geweid dan vroeger. Een slechte zaak, vindt onderzoeker Bert Philipsen. Weidegang is volgens hem cruciaal voor de opfok, maar vereist wel scholing.

De afgelopen vijf jaar is het aantal weidedagen voor jongvee sterk gedaald, blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). In het eerste levensjaar ging het gemiddelde terug van 117 naar 47 dagen weidedagen. Het aandeel weidegang lijkt wel te stabiliseren, dankzij de meerprijs die veel zuivelafnemers in Nederland betalen, meldt Melkveemagazine (4, 2014) in het artikel Wie is er nog blij met de kalverwei?

Op stal is makkelijker

Het is eenvoudiger de kalveren op stal te houden, waarbij de veehouder precies weet wat ze binnenkrijgen, dan afgaan op het wisselende grasaanbod in de wei. Ook maakt ongunstige verkaveling het lastiger jongvee te weiden, legt Leo Tjoonk uit in het artikel. De sectorspecialist rundveehouderij van Agrifirm Feed geeft aan dat jongveeopfok veel aandacht behoeft. Als de omstandigheden niet optimaal zijn, is het risico dat jongvee later afkalft en de opfokkosten voor veehouders stijgen. Maar als melkvee op een te late leeftijd went aan de wei, kunnen er grote problemen ontstaan met longwormen en maagdarmwormen. Het is volgens Tjoonk het daarom zoeken naar een balans tussen maximale groei tijdens de jongveeopfok en de noodzaak van immuniteitsopbouw in de wei en het aanleren van graasgedrag.

‘Weidegang cruciaal’

Om die reden pleit ruwvoerteeltdeskundige Bert Philipsen van Wageningen UR Livestock Research voor minimaal 200 dagen weidegang voor jongvee, ook in het eerste levensjaar: 'Besmetting met parasieten is essentieel om problemen bij melkvee te voorkomen. De pensontwikkeling en de algehele gezondheid en ontwikkeling van de kalveren hebben er ook baat bij, als je zo vroeg mogelijk begint in het eerste levensjaar.’ Ook bedrijfseconomisch is het gunstiger vee te laten weiden, aldus Philipsen. Wel benadrukt hij het belang van scholing voor veehouders: Kennis van het wisselende grasaanbod, afstemming van de groepsgrootte van het jongvee op de perceelsgrootte en inzicht in de levenscyclus van maagdarm- en longwormen in de wei zijn noodzakelijk.

Praktijkervaringen

Melkveemagazine laat in het artikel ook twee melkveehouders aan het woord die hun jongvee veel en vroeg in de wei laten. ‘Ze leren dan het grazen het makkelijkst aan en je krijgt het minste terugslag in groei’, is de ervaring van Richard Korrel. ‘Weidegang is gezond, ook voor de kalveren, vers gras is nog altijd het goedkoopst en het is gewoon een mooi gezicht’, vindt Sven Wiggelo.


(Bron foto: Thinkstock)