Vrouw in kas, foto: Thinkstock

Nieuws

Kansen voor tuinders in het buitenland

Gepubliceerd op
11 januari 2014

Nieuwe afzetmogelijkheden, lage energiekosten en groeimogelijkheden: het zijn redenen voor Nederlandse tuinders om zich elders te vestigen of om een deel van de productie over te hevelen. Elke regio heeft zijn kansen en beperkingen.

Om dicht bij huis te beginnen: Duitsers willen graag producten van eigen bodem. Reden voor sommige telers om de stap over de grens te wagen. Nadeel zijn de hoge energiekosten. Door echter een locatie in de nabijheid van industrie te zoeken –waar Duitsland ruim over beschikt- kan de teler gebruik maken van de restwarmte van deze bedrijven.

Migranten moeten ook rekening houden met de veel strengere eisen die aan bouwprojecten gesteld worden dan in Nederland. Dat kost veel tijd en vraagt financiële offers.

Centraal Europa

Oostenrijk en Hongarije, zeg maar Centraal Europa, vormen een regio met potentie. Nederlandse telers kunnen Oostenrijkers blij maken met kwaliteitsproducten met een extra toegevoegde waarde en een natuurlijke uitstraling.

De Hongaarse retailers zijn op zoek naar grote volumes en constante kwaliteit. Hongarije is bovendien, meer dan Oostenrijk, geschikt voor de ontwikkeling van tuinbouw.

De Middellandse Zee

Telers die zich richten op landen ten zuiden van de Middellandse Zee redden het niet alleen door een bedrijf te vestigen. Het bewaken van de kwaliteit en de dagelijkse leiding in handen houden zijn minstens zo belangrijk. Investeringen in de lokale gezondheidszorg, infrastructuur en het onderwijs zorgen voor een grotere maatschappelijke acceptatie. Wat betreft de producten is ‘local for local’ daar de trend.

Tropische landen

Verder van huis lonken tropische landen. Die landen hebben vaak minder interesse in onze high tech kassen. De Nederlandse overheid stimuleert in Afrika, Midden Amerika en Azië de bouw van mid- en low tech kassen. Uit die experimenten blijkt dat niet de techniek het struikelblok is. Dat is veel eerder de aanwezigheid van lokale begeleiding en de vraag of het onderhoud goed geregeld is.

Azië

In Azië liggen in het besparen op energiekosten kansenvoor telers, bijvoorbeeld door de beschikbaarheid van grote hoeveelheden zon of door tropische gewassen te telen op plekken waar ze van nature voorkomen. De groeiende Chinese middenklasse die graag bloemen en planten koopt, is ook een kans. De cultuur is echter vaak lastig. Zo ondervond palmenkweker Forsteriana dat het maken van lange termijnafspraken in Indonesië lastig is.


(Bron foto: Thinkstock)