kas, foto Thinkstock

Nieuws

Kwantitatief zoogdierenonderzoek met wildcamera's

Gepubliceerd op
11 augustus 2018

Een wildcamera of cameraval kun je gebruiken om de aanwezigheid van zoogdieren vast te leggen. Wil je die wildcamera’s inzetten voor kwantitatief zoogdierenonderzoek, dan moet je rekening houden met aspecten als sensorgevoeligheid.

Een cameraval, wildcamera of fotoval is een camera met een bewegingssensor. De infraroodsensor signaleert warmbloedige dieren terwijl de camera de dieren vastlegt op foto of video. Die wildcamera’s worden veel ingezet door wild- of natuurbeheerders. Zo kun je registreren of wildpassages gebruikt worden, of welke diersoorten op een bepaalde plek aanwezig zijn.

Je kunt de camera’s voor meer gebruiken, zo is te lezen in het artikel ‘Cameravallen voor kwantitatief onderzoek aan zoogdiergemeenschappen’ in vakblad NBL. Zo kun je ze gebruiken om de samenstelling van een zoogdierengemeenschap in beeld te krijgen of om aantallen zoogdieren in een gebied te meten. Maar er zitten wel haken en ogen aan het gebruik van wildcamera’s voor inventarisaties, aldus het vakblad.

Sensorgevoeligheid

Zo is de gevoeligheid van de infraroodsensoren tussen de verschillende typen camera’s erg variabel. Elk model camera heeft een andere sensor en andere software. Een ander aspect is dat grotere dieren, zoals herten, makkelijker geregistreerd worden dan kleinere dieren als muizen, die veel minder warmte uitstralen. En ’s winters geven dieren minder warmte af dan in de zomer waardoor ze minder makkelijk geregistreerd worden.

Muizen

Wil je wildcamera’s gebruiken voor inventarisaties dan moet je daar rekening mee houden. In het citizen science project Wildcamera van de Zoogdiervereniging en Wageningen University wordt daarom gevraagd de camera op 20 cm boven de grond te plaatsen zodat je met minder gevoelige sensors ook muizen kunt traceren.

Aantallen dieren

Wil je aantallen dieren tussen verschillende gebieden vergelijken, dan is het zaak op willekeurige plaatsen overal hetzelfde type camera te plaatsen. Om rekening te houden met de verschillen in sensorgevoeligheid van de diersoorten, kun je bij de analyse van de gegevens rekening houden met de detectieafstand en zo correcties doorvoeren.

Met de toepassing van wildcamera’s is veel mogelijk, schrijft het vakblad. Door nieuwe technische ontwikkelingen en wordt het steeds makkelijker dichtheden van soorten te berekenen.

(Bron foto: Pixabay)