nerts_Wageningen Livestock Research

Nieuws

Met coronavirus besmette nertsenbedrijven geruimd

Gepubliceerd op
5 juni 2020

Sinds 26 april 2020 zijn bij zeven Nederlandse nertsenbedrijven besmettingen met het coronavirus SARS-CoV-2 bij nertsen geconstateerd. De besmette nertsenbedrijven worden vanaf vandaag geruimd. De maatregel wordt genomen in het belang van zowel volksgezondheid als de diergezondheid.

Met het besluit om te ruimen volgen minister Schouten van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en minister De Jonge van Volksgezondheid het advies op van het Outbreak Management Team Zoönosen (OMT-Z) en van het Bestuurlijk Afstemmingsoverleg Zoönosen (BAO-Z).

Verplicht onderzoek nertsenbedrijven

Uit onderzoek blijkt dat nertsen het virus aan elkaar hebben overgedragen. Verder is het aannemelijk dat er besmettingen hebben plaatsgevonden van nerts op mens. Op 19 mei heeft minister Schouten SARS-CoV-2 aangewezen als besmettelijke dierziekte en aangekondigd dat alle nertsenbedrijven verplicht moeten worden onderzocht op SARS-CoV-2. Dat gebeurt op twee manieren: 'early warning' onderzoek en screeningsonderzoek. Voor het 'early warning' onderzoek moeten alle nertsenbedrijven in deze periode wekelijks kadavers inzenden van natuurlijk gestorven dieren. Deze worden pathologisch en met laboratorium onderzoek (PCR) onderzocht op het voorkomen van SARS-CoV-2. Dit ‘early warning’ onderzoek is vorige week van start gegaan. Eind deze week hebben alle nertsenbedrijven voor de eerste weekronde hun kadavers ingezonden.

Het screeningsonderzoek houdt in dat op alle nertsenbedrijven eenmalig bloedmonsters worden genomen. Met laboratoriumonderzoek worden deze bloedmonsters met een ELISA test onderzocht op antilichamen. Als antilichamen gevonden worden betekent dit dat er op dat bedrijf een SARS-CoV-2 infectie is geweest of misschien nog aanwezig is. Over dat laatste moet door aanvullend onderzoek dan nog uitsluitsel worden gegeven.

Ruimen

Het OMT-Z adviseert nu dat ruimen een effectieve maatregel is voor besmette bedrijven. Het OMT-Z geeft aan dat het risico bestaat dat SARS-CoV-2 langdurig blijft circuleren op nertsenbedrijven. Daarnaast zijn er in het early warning onderzoek nieuwe besmettingen gevonden, en de verwachting is dat er de komende weken nog meer besmettingen zullen worden geconstateerd. De nertsenhouderij kent een jaarcyclus, waarbij de pups in het voorjaar worden geboren. De pups van eerder geïnfecteerde moeders hebben antistoffen gekregen. Door afname van deze maternale immuniteit in de tijd komen er vijf tot zes keer zoveel vatbare dieren op het bedrijf als bij de aanvang van de besmetting met SARS-CoV-2, toen er alleen nog drachtige moederdieren aanwezig waren. Hierdoor kunnen veel meer dieren worden besmet en dat verlengd de duur van de besmetting op een bedrijf. Tevens zijn er de komende periode veel extra medewerkers op de bedrijven voor het vaccineren en verzorgen van de dieren, wat een risico met zich meebrengt.

De planning is dat in de loop van de volgende week alle nu besmette bedrijven zijn geruimd. De kadavers zullen worden afgevoerd voor destructie. Na de ruiming moeten de stallen een periode leeg blijven totdat het risico is geweken dat nog levend virus in de stallen aanwezig is. Daarna worden de stallen schoongemaakt en ontsmet. Omdat de ruiming mede geschiedt in het belang van de volksgezondheid, is de regeling tot aanwijzing van SARS-CoV-2 als besmettelijke ziekte aangepast. Dit omdat tot dusverre de aanwijzing is gebeurd op grond van diergezondheidsoverwegingen.

Maatregelen niet besmette bedrijven

De landelijke maatregelen die eerder zijn aangekondigd voor alle nertsenhouderijen in Nederland, zoals het vervoersverbod en bezoekersverbod in de stallen, blijven van toepassing. Daarnaast zal het bestaande hygiëneprotocol op zeer korte termijn worden aangescherpt, waarbij ook aandacht is voor het testen van medewerkers. Tevens onderzoekt het kabinet of en zo ja hoe, een eenmalige stoppersregeling kan worden vormgegeven waarmee deze bedrijven op korte termijn vrijwillig hun bedrijfsvoering kunnen beëindigen. Dit in de context van een sector die in 2024 in Nederland ophoudt te bestaan.

(Bron foto: Wageningen Livestock Research)