veenweidegebied, foto Shutterstock

Nieuws

Nederlander wil veenweidelandschap behouden

Gepubliceerd op
31 augustus 2019

Ruim driekwart van de Nederlanders wil dat het veenweidegebied behouden blijft. De meerderheid ziet liever koeien in het veenweidelandschap dan dat het omgevormd wordt tot een moeraslandschap.

Het Nederlandse veenweidelandschap dat je vooral tegenkomt in de lage delen van Holland, Utrecht en Friesland, is ontstaan na middeleeuwse ontginning van laagveengebieden. Door ontwatering oxideert het veen: de veengrond wordt afgebroken waardoor de grond geleidelijk inklinkt. Bodemdaling met zo'n 7 tot 12 mm per jaar is een probleem in het veenweidegebied. Bovendien komt door de afbraak van het veen CO₂ vrij: jaarlijks 4,2 ton of 3% van de Nederlandse CO₂-uitstoot. Wil je die bodemdaling en CO₂-uitstoot stoppen, dan zou je veenweidegebieden onder moeten zetten.

Draagvlak

LTO Nederland is daar geen voorstander van, zo blijkt uit de Position paper 'Investeer in het Nederlands veenweidelandschap' van de brancheorganisatie. LTO ziet liever dat het karakteristieke cultuurhistorisch landschap behouden blijft met koeien in de wei. Uit een onderzoek dat uitgevoerd werd in opdracht van LTO blijkt dat veel Nederlanders het daarmee eens zijn.

Uit het onderzoeksrapport 'Onderzoek draagvlak veenweiden' blijkt dat 73% van de ondervraagden wil dat het Nederlandse veenweidelandschap zoals het nu is behouden blijft. Dat vinden ze omdat het belangrijk is voor boeren of dat het landschap aantrekkelijk is. Het alternatief, een moerassig landschap, vinden ze niet aantrekkelijk. Tweederde vindt dat koeien in de wei bij het veenweidelandschap horen.

Veenweideproblematiek

Tegelijkertijd vinden de meeste mensen wel dat er een oplossing moet komen voor de problematiek van het veenweidegebied: bodemdaling en CO₂-uitstoot. Hoewel niet meer dan 4 op de 10 ondervraagden vooraf op de hoogte was van de problematiek, ziet een meerderheid dat de kwestie wel dringend is. Maar er moeten geen overhaaste maatregelen worden genomen. 80% van de ondervraagden vindt dat er eerst grondig onderzoek gedaan moet worden, zo blijkt uit het rapport.

Ook LTO ziet de noodzaak in om de problematiek aan te pakken. De organisatie pleit voor een gebiedsgerichte aanpak waarbij bewoners en gebruikers zelf oplossingen en maatregelen kunnen aandragen. Zo vindt LTO dat je, waar mogelijk, moet investeren in onderwaterdrainage, een manier om veenoxidatie te beperken.

(Bron foto: Shutterstock)