Symposium

Schuilingcongres: De aard van de bodem bepaalt het landschap

Het 4e Schulingscongres richt zich op de toekomst van ons veen. Veengronden staan sterk in de publieke belangstelling en dan voornamelijk in negatieve zin. Veengronden dalen en veroorzaken daardoor schade aan gebouwen en infrastructuur. Daarnaast levert veenoxidatie een substantiële bijdrage aan de emissie van broeikasgassen. Op het congres worden de geschiedenis van de veengronden en de toekomstscenario’s voor deze gebieden door deskundige sprekers gepresenteerd.

Organisator Van Hall Larenstein, het Kenniscentrum Landschap van de RUG, Historische Vereniging Annen, Wetterskp Fryslân, Geografie.nl, It Fryske Gea
Datum

wo 8 mei 2019 08:45 tot 17:00

Locatie Paviljoen de Buitenplaats, Koaidyk 8, Earnewâld

Veengronden zijn onlosmakelijk verbonden met het karakteristieke en klassieke landschapsbeeld van Nederland. In de vroege middeleeuwen bedekte veen een flink deel van het overgangsgebied tussen de zandgronden en de zeekleiafzettingen in het westen en noorden van Nederland. Ook op de hoger gelegen zandgronden ontstonden (hoog)venen vanuit plassen en in de loop der tijd overgroeide dit veen ook uitgestrekte gebieden.

Vanaf de Middeleeuwen is de mens begonnen om deze veengebieden te benutten voor verschillende doelen. Door drooglegging kon het veen geschikt worden gemaakt voor landbouw. Ook gebruikte men veen om er turf van te maken, waardoor grote oppervlakken van de veengronden zijn verdwenen en als (fossiele) brandstof in de kachel zijn verbrand.

Door het landbouwkundig gebruik van veengronden zakt het oppervlak. In de eerste eeuwen van de ontginning zakte het maaiveld jaarlijks wel met enkele centimeters of decimeters. Deze curve zwakt pas af wanneer het water ongeveer tot aan het maaiveld staat. Vanaf de jaren zestig van de vorige eeuw, nam het tempo van drooglegging voor de landbouw toe, maar ook voor stedenbouw en infrastructurele werken. Door de diepere grondwaterstand dringt zuurstof veel sneller door in de veenbodem, waardoor de verbranding van het veen toeneemt. De bodemdaling in veenweidegebieden wordt de laatste decennia berekend op 0,5 – 1,0 cm per jaar. De kooldioxide die hierbij in Nederland vrij komt, is gelijk aan de uitstoot van 2 miljoen auto’s (Kwakernaak, et. al.; Bodem, 2010). Kortom veenoxidatie leidt tot bodemdaling en door de emissie van broeikasgassen vormt dit een extra bijdrage aan de opwarming van de aarde.

Voor wie is deze dag interessant?

Een belangrijke doelgroep voor dit congres zijn aardrijkskundeleraren. Er worden onder werpen behandeld, die aansluiten bij het aardrijkskundeonderwijs. Op regionaal niveau wordt ingegaan op
de actuele discussie rondom veengronden. Behalve voor aardrijkskundeleraren is het programma ook interessant voor natuurontwikkelaars, terreinbeheerders, IVN­/ natuurgidsen, historische
verenigingen, bewoners en andere belangstellenden.

De deelnamekosten bedragen € 60,– p.p. In deze kosten zijn koffie, lunch en aan het eind van de dag een drankje en een hapje inbegrepen. Een gelimiteerd aantal studenten en ‘particulieren’ (zoals
IVN­-gidsen) kunnen tegen een gereduceerd bedrag van € 15,– p.p. deelnemen.