Nieuws

‘Slimme oplossing’ om snel uit de stikstofcrisis te komen

Gepubliceerd op
6 juli 2021

Door op korte termijn in drie gebieden veel stikstofuitstoot te reduceren, denken landschapsarchitect Berno Strootman en hoogleraar Jan Willem Erisman Nederland structureel van het slot te kunnen halen. Voor de lange termijn willen ze samen met boeren via gebiedsgerichte aanpak structurele milieuwinst behalen, zo staat in het rapport ‘Naar een ontspannen Nederland'. LTO Nederland reageert kritisch.

Uitgangspunt voor het rapport 'naar een ontspannen Nederland' zijn de doelen voor 2035 in de Stikstofwet. Daarbij is aan alle sectoren de opdracht om stikstofemissie met 50% te verminderen. Voor de landbouw zien Erisman en Strootman mogelijkheden om door gerichter beleid op specifieke gebieden de piekbelasting aan te pakken. Dat zou vervolgens als een hefboom kunnen werken voor de aanpak in de hele agrarische sector. 

Het gaat in eerste instantie om ammoniak-emissiereductie in de Gelderse Vallei en de Veluwe-enclave. Als tweede de gerichte uitkoop van specifieke intensieve bedrijven – zogenoemde piekbelasters – op zandgronden en ten derde de extensivering van de landbouw in het Groene Hart. 

Focus op akkerbouw en tuinbouw 

Voor de langere termijn zien beide onderzoekers een mix van grootschalige en kleinschalige landbouw, met een focus op akkerbouw en tuinbouw. Grootschaligheid is efficiënt en kan ook ruimte bieden aan het halen van doelen en normen, omdat er meer marge is. Kleinschaligheid biedt voordelen voor andere factoren, zoals de leefbaarheid van het platteland.

Naast de gebiedsgerichte aanpak zetten de onderzoekers in op een Stikstoffonds met financiële middelen vanuit overheid en bedrijfsleven voor doelgerichte maatregelen. Ook stellen ze een Grondbank voor, waarmee grond kan worden aangekocht, afgewaardeerd of geruild, zodat bedrijven kunnen extensiveren. Verder is een krediet- en garantieregeling nodig om boeren te ondersteunen bij de financiering van de omslag naar duurzame landbouw. 

‘Ons plan is ook positief voor boeren’, zegt Berno Strootman in Nieuwe Oogst. ‘Met onze methode hoeven zo min mogelijk boeren een grote bijdrage te leveren aan de stikstofreductie. Wij stellen voor om van alle boeren in Nederland een stikstofreductie van 10 procent door managementmaatregelen te vragen. In een aantal gebieden, die sterk bijdragen, is dan wel een stikstofreductie van 66 procent nodig.’ 

Ook pleiten Erisman en Strootman voor beloningen en heffingen om de verduurzaming van de consumptie te stimuleren, bijvoorbeeld door belastingen te verschuiven van arbeid naar consumptie door daarin ook de milieu- en gezondheidseffecten mee te wegen.

In het rapport is gebruikgemaakt van een nieuwe methode, gebaseerd op RIVM-modellen, waarmee bepaald kan worden waar je het meest effectief maatregelen kunt nemen om het aandeel van de landbouw in de overschrijding van de kritische depositiewaarde (KDW) in alle Natura 2000-gebieden sterk te verminderen. Volgens de onderzoekers is het voordeel van deze nieuwe methode dat heel precies kan worden berekend waar de emissiereducties ‘het hoogste rendement hebben en waar dus de euro’s het beste kunnen worden ingezet’.  

Draagvlak essentieel 

Bij bestuurder Trienke Elshof van LTO Nederland is weinig enthousiasme over het plan. ‘Het zaait onnodig angst in de gebieden waar het over gaat. Zoiets moet je niet top-down doen. Draagvlak is essentieel. Dat is er voor het plan ‘Een duurzaam evenwicht’  van onder meer LTO Nederland en Bouwend Nederland wel, gezien de vele organisaties die het steunen’, zegt Elshof in Nieuwe Oogst. 

In het plan ‘Een duurzaam evenwicht’ staat dat er in 2030 een stikstofreductie van 40% gerealiseerd is. Hier tegenover staat dat er aanzienlijke investeringen gedaan worden om de landbouw te verduurzamen en moderniseren. Ook voor het herstel en de versterking van natuur moet volgens het versnellingsrapport budget vrijgemaakt worden. De organisaties schatten in dat hun voorstel € 1,7 miljard per jaar zal kosten. 

Twee derde van de reductie zal dan door innovatieve stalsystemen, extensivering en managementmaatregelen worden gerealiseerd. Ook staan er maatregelen in het versnellingsrapport, zoals een stoppersregeling en het verplaatsen van bedrijven op vrijwillige basis. Met het stilleggen van het Programma Aanpak Stikstof (PAS) zoekt de overheid naar mogelijkheden om de stikstofproblematiek versneld aan te pakken.

Modellen en aannames 

Tweede Kamerlid Caroline van der Plas van BoerBurgerBeweging (BBB) noemt de adviezen in het rapport ‘Naar een ontspannen Nederland’ schokkend. ‘De uitspraak van de Raad van State ruim twee jaar geleden ging over het beschermen van natuur. Nu lijkt het doel vooral te zijn om woningen te kunnen bouwen. De agrarische sector wordt daar het slachtoffer van. Het zal je maar gezegd worden als boer in de Gelderse Vallei of het Groene Hart, dat je moet vertrekken. En ondertussen wordt het beleid niet eens gebaseerd op metingen, maar op modellen en aannames.' 

In het rapport ‘Naar een uitweg uit de stikstofcrisis’ spreekt het Planbureau voor de Leefomgeving haar zorg uit over de toekomst van de land- en tuinbouw. Een verdere aanscherping van de stikstof- en klimaatregels zal betekenen dat er op sommige plekken nauwelijks meer landbouw kan worden bedreven. Het PBL benoemt expliciet provincies als Gelderland, Brabant en Overijssel.

‘Een keuze voor deze aangescherpte doelen betekent een ongekende transformatie van het landelijke gebied in Nederland’, staat in het rapport. ‘In stikstofgevoelige regio's zal nauwelijks ruimte zijn voor open vormen van veehouderij en akkerbouw, zelfs wanneer ze biologisch of extensief zijn of gebruikmaken van innovatieve technologie.’

(Bron foto: Shutterstock)