Nieuws

Zeeuwse landbouw trekt lessen uit Zuid-Europese droogte

Samenvatting
  • Regio
    Zeeland, Zuid-Europa
  • Onderwerp
    Klimaatadaptatie Droogte En Plaagbestrijding
  • Interessant voor
    Akkerbouwer, Vollegrondstuinder
Bekijk de bronnen
Na jaren van droogte kijken Zeeuwse telers naar Zuid-Europa hoe boeren en tuinders omgaan met klimaatverandering. Een gebrek aan zoet water leidt tot lagere opbrengsten en verzilting van de bodem. Oplossingen zitten in bodembeheer, water vasthouden en aandacht voor nieuwe plagen.

In het onderzoek ‘Klimaatadaptatie: leren van binnen- en buitenland’ heeft het onafhankelijk kennis- en adviesbureau CLM in opdracht van de provincie Zeeland lessen uit Zuid-Europa en Zeeland op een rij gezet. Samen met jonge Zeeuwse agrariërs zijn diverse maatregelen – zoals bodemverbetering en wateropslag – onder de loep genomen. Het rapport beschrijft hoe telers kunnen omgaan met de gevolgen van klimaatverandering en met name droogte.

Waterbesparing, bodembeheer en wateropslag vormen de kern van de Zuid-Europese aanpak. Opvallend is dat Zuid-Europese provincies en buurlanden samenwerken aan een robuust watermanagementsysteem en eerlijke verdeling, waarbij veel aandacht is voor opslag en transport, ook naar droge gebieden. Zo heeft Spanje sinds de jaren ’50 zo’n 1300 stuwmeren aangelegd die met name in het noorden van het land het regenwater opvangen. Via ruim tweehonderdduizend kilometer aan buizen gaat het zoete water naar het droge zuiden. Ook zijn er ontziltingsinstallaties die zeewater geschikt maakt voor een aantal gewassen, zoals tomaat en amandel.

Op het eigen bedrijf

De Zeeuwse telers kunnen zelf diverse maatregelen nemen om water vast te houden, te besparen of op te slaan. Vooral het ophogen van organische stof in de bodem is belangrijk voor een klimaatbestendige akkerbouw. Daarnaast kan de juiste nutriëntenhuishouding en bodemstructuur gewasschade door kortdurende droogte en hitte beperken.

Het water vasthouden kan in regenachtige periodes op verschillende manieren; zoals ondergronds in beschikbare kreekruggen, via waterbassins met voldoende opslag, door de inzet van peilgestuurde drainage en door het ophogen van het grondwaterpeil.

Bovengrondse opslag is interessant, maar kostbaar, blijkt uit de reacties op het rapport. Het is vooral interessant in combinatie met drijvende zonnepanelen, die voor een extra inkomstenbron zorgen en verdamping verminderen. Hoogteverschillen tussen percelen van telers vragen om een gebiedsgerichte aanpak en precisielandbouw is nuttig om de bodem gelijkmatig te krijgen met minimale bewerking en om het watervasthoudend vermogen van de bodem te verbeteren.

Nationaal niveau

Centrale vormen van wateropslag op nationaal niveau kunnen essentieel om zowel natte als droge periodes te overbruggen. Het is volgens het vijftal onderzoekers interessant om te kijken hoe en waar dit binnen Nederland mogelijk is. Ook kunnen verschillende locaties en vormen van wateropslag aan elkaar geknoopt worden om zo het risico op lokale verdroging te beperken.

Daarnaast is voorlichting aan zowel boeren als burgers belangrijk om het watergebruik te verminderen. Wanneer telers medeverantwoordelijk zijn voor de aanleg, het onderhoud en de verdeling van het water, zijn ze bewuster van het belang van waterbesparende maatregelen, zo luidt de redenering.

Ziekten en plagen

De klimaatverandering zorgt ook voor nieuwe ziekten en plagen. Zoals de dwergcicade, die de bacterie Candidatus Phytoplasma solani kan overbrengen en groei-afwijkingen bij aardappelen veroorzaakt. Ook bestaande plagen kunnen in de toekomst een groter probleem vormen. Een voorbeeld is bietenmot, die goed gedijt in warme, droge zomers.

Een terugloop van beschikbare gewasbeschermingsmiddelen kan resistentie in de hand werken. Dat vraagt om geïntegreerde plaagbestrijding, actieve monitoring en herkenning van ziekten en plagen en het delen van kennis tijdens spuitlicentiecursussen of in projecten. Ook de import van invasieve exoten via transport of handel blijft een gevaar, omdat deze soorten vaak geen natuurlijke vijanden hebben in Nederland.

Provinciaal beleid

In afstemming met waterschap en gemeenten coördineert de Provincie het waterbeleid in Zeeland. We vertalen Europese richtlijnen naar regionaal niveau. De gedeputeerden Anita Pijpelink (klimaatadaptatie) en Jo-Annes de Bat (landbouw) reageren positief op het onderzoek. ‘Het klimaat verandert, dat merken we ook in onze provincie’, zegt Pijpelink bij Omroep Zeeland. ‘Het is fijn dat steeds meer partijen onderkennen dat zij zelf iets kunnen doen om Zeeland klimaatbestendig te maken. Zo kunnen we vraag en aanbod van zoet water beter op elkaar afstemmen. Water beter vasthouden dus – en niet zo snel mogelijk afvoeren.’

Jo-Annes de Bat: ‘De landbouw, en met name de akkerbouw, is een van de eerste sectoren waar klimaatverandering gevoeld wordt. De opbrengsten zijn vaak weersafhankelijk. Nu ons klimaat aan het veranderen is, is het – zeker voor een agrarische provincie zoals Zeeland, die gaat voor duurzaamheid – leerzaam om te kijken hoe hier in andere landen mee omgegaan wordt. Deze lessen zullen we ter harte nemen in ons beleid.’

(Foto: Shutterstock)