vakmanschap, foto Zone.college

Grote rol voor bedrijven bij groene vakmanschapsroute

Goed opgeleid personeel, groene bedrijven zitten er om te springen. Daarom werken bedrijven en het groene onderwijs samen in de vakmanschapsroute (VMR). Deze leerroute is er voor de praktische kanjers van het vmbo, die goed weten in welk vak zij later willen werken.

Vmbo-leerlingen van de Basisberoepsgerichte en Kaderberoepsgerichte leerweg (BBL en KBL) komen in aanmerking voor de vakmanschapsroute (VMR). Het zijn de leerlingen die vanaf klas 1 al weten wat zij in hun toekomst willen. Zij stromen door van het vmbo naar mbo-niveau 2. De route start in de derde klas van het vmbo. Het traject duurt vier jaar, er zijn leerlingen die het in drie jaar afronden.

Vier groene vmbo’s bieden deze route aan: Wellant in Ottoland en drie vestigingen van Zone.college: Doetinchem, Enschede en Twello. Zone.college biedt de VMR aan in de richtingen bloem & styling, dierverzorging, veehouderij, hovenier, loonwerk en voedingstechnologie. Per vestiging is het aanbod aangepast aan de regio. Wellant startte dit schooljaar in de richtingen loonwerk, hovenier en veehouderij. In de voorbereiding was er samenwerking met Zone.college, wat heel prettig verliep. Dat vertelt Hijlke Wijnja, schoolleider bij Wellant.

Bedrijven doen en denken mee

Bedrijven spelen een belangrijke rol in de vakmanschapsroute. VMR-leerlingen hebben meer stage in hun opleiding dan reguliere VMBO-leerlingen. Bedrijven bieden graag die stageplek, want enthousiaste vakmensen zijn schaars. “Maar ik zie bij bedrijven ook oprechte interesse om jonge mensen op te leiden,” zegt Hijlke Wijnja van Wellant.

Klaas Koorn is docent veehouderij bij Zone.college in Twello. Hij heeft zijn VMR-leerlingen één dag per week in de klas. “Nou ja, klas…’s ochtends zit ik met hen in de skybox op een veehouderijbedrijf. Mooier kan niet, we zitten letterlijk bovenop de praktijk.” ’s Middags zijn er praktijklessen. Klaas: “Ik sleep ze overal mee naar toe, naar het slachthuis, naar andere bedrijven, we assisteren bij een stamboekinschrijving. Ik geef ze zoveel mogelijk mee in de praktijkuren.”

Zowel Wellant als Zone.college onderhouden goede contacten met de bedrijven. Dat gebeurt bijvoorbeeld via bijeenkomsten op school. De scholen praten de bedrijven bij over de stand van zaken in de VMR. Bedrijven vertellen op hun beurt wat innovaties en actualiteiten in de sector zijn. Zo kunnen de scholen de opleiding zo goed mogelijk aanpassen op de vraag vanuit de bedrijven.

Een route die past bij praktische kanjers

De leerlingen richten zich vanaf leerjaar 3 op één praktijkvak in plaats van meerdere praktijkvakken. Daardoor werken ze vooruit en is het mogelijk om de route versneld af te ronden. Sommige leerlingen hebben toch langer nodig en dat kan ook. De scholen leveren met de VMR echt maatwerk voor de leerlingen.

Mark Spliethof is teamleider bij Zone.college Enschede. Hij zegt: “Het is een leukere route voor deze leerlingen, omdat zij zich vanaf leerjaar 3 alleen maar richten op het vak dat zij zo mooi vinden.”

De leerlingen blijven hun gehele opleiding in de bekende omgeving van het vmbo. Ze hebben dezelfde docenten in het VMBO als in het MBO. Mark Spliethof: “Dat is prettig voor de leerlingen, de overstap naar het mbo is kleiner.”

Na de vakmanschapsroute

Na de vakmanschapsroute gaat een deel van de leerlingen aan het werk. Andere leerlingen stromen door naar niveau 3 in dezelfde richting waarin zij hun diploma haalden. Ze starten dan vaak in leerjaar 2. Bij Zone.college in Enschede is er soms uitstroom naar een niveau 3 opleiding bij een ROC. Bijvoorbeeld als een leerling kiest na de richting voedingstechnologie voor een opleiding banketbakker.

Tekst: Kirsten van Valkenburg

Bron foto: Zone.college