Nieuws

Focus op de boer en niet op de vloer

Gepubliceerd op
19 april 2021

Niet op één onderdeel sturen, maar de uitdagingen waar de melkveehouderij voor staat in samenhang oppakken. Voor Gerard Migchels, onderzoeker aan Wageningen Livestock Research en mede- projectleider van Netwerk Praktijkbedrijven is het de enige manier om landbouw met toekomstwaarde te realiseren. “Als het om emissiereductie gaat, moet je met alles aan de slag.”

Maatregelenmix

In de zoektocht naar oplossingen voor het emissieprobleem komt er bijna dagelijks wel een nieuwe invalshoek, vraag of mogelijk probleem om de hoek kijken, weet Gerard. “Dat maakt het voor melkveehouders ook zo lastig. Er ligt veel op hun bord; ze moeten zorgen voor minder ammoniak- en methaanemissies, minder broeikasgassen, minder bodemdaling, meer biodiversiteit en een betere waterkwaliteit. Afhankelijk waar je als bedrijf staat en de keuzes die je in het verleden hebt gemaakt, is het dan zaak een strategie te ontwikkelen die het beste uitpakt op al die onderdelen. Voer, machines, stal, bemesten en beweiden, alles speelt daarin een rol. Wat is dan de maatregelenmix waar je op jouw bedrijf mee uit de voeten kunt? En wat past bij jou als ondernemer?”

Techniek en vakmanschap

Emissiebeperkende techniek kan daarbij ondersteunend zijn, maar het draait volgens Gerard vooral om vakmanschap en management. “Door de continumetingen die we op onze onderzoeksbedrijven doen, weten we dat er verschillen zijn bij de verschillende stallen. We meten wat wanneer wordt gevoerd en wat de samenstelling van het gras is. En dan zie je dat dezelfde stal bij de ene boer heel anders kan uitpakken dan bij de ander, bijvoorbeeld door ander bedrijfsmanagement. Het is dus heel goed denkbaar dat een boer met een standaard ligboxenstal, die zijn management op orde heeft, scherp voert en zijn vloer schoon houdt, een lagere emissie heeft dan een boer met een dure stal, die minder scherp voert. Vakmanschap is cruciaal, leg daarom de focus op de boer en niet op de vloer.”

Van papier naar praktijk

Er is behoefte aan data over hoe stallen in de praktijk scoren. “We hebben niet genoeg aan de theoretische waarde; de metingen onder ideale omstandigheden. Wat wij willen weten is wat er gebeurt als de vloer is betaald en geïnstalleerd. Want dan pas vindt gebruik én slijtage plaats. En wel of geen onderhoud om maar wat te noemen. Dat is van grote invloed op wat de stal volgens ‘de folder’ aan emissiereductie moet opleveren. Daarom onderzoeken we hoe we de reductiepotentie van stallen maximaal kunnen benutten. Dat zal per boer verschillen, daarom zetten we ook zoveel mogelijk in op maatwerk. De brede mix aan deelnemers aan het Netwerk Praktijkbedrijven vormt een goede afspiegeling van melkveehoudend Nederland; wat we daarbinnen ontdekken en ontwikkelen kan voor een grote groep toepasbare inzichten en maatregelen opleveren.”

Al doende leren

Samenhang tussen alle thema’s die spelen, ofwel een integrale aanpak, brengt dilemma’s met zich mee. “Als je bijvoorbeeld aan de knoppen van ammoniak draait, weet je (nog) niet wat dat voor methaan doet. Werkendeweg gaan we dat ontdekken en ervaren. Dat is spannend en vraagt van iedereen ambitie en flexibiliteit want de antwoorden hebben we nog niet. Maar elk onderzoek of praktijkexperiment levert inzichten op. En die dragen stuk voor stuk bij aan concrete handvatten om emissie te reduceren.”