Nieuws

Boeren voelen weerstand tegen term 'natuurinclusieve landbouw'

Gepubliceerd op
17 maart 2021

Hoewel veel boeren open staan voor natuurinclusieve initiatieven, roept de term ‘natuurinclusieve landbouw’ kritiek op, blijkt uit een rapporatage van de resultaten de LNV community, een online onderzoeksplatform waaraan 199 boeren deelnamen.

Omdat het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) het belangrijk vindt direct met boeren te communiceren en hen te betrekken bij de beleidskeuzes die gemaakt worden, heeft het ministerie in 2019 het intiatief genomen voor een 'LNV Community' een online onderzoeksplatform. In 2019 werd een pilot uitgevoerd met 150 veehouders. Vorig jaar werd de community uitgebreid met akkerbouwers en tuinders.

Community

In 2020 mochten de deelnemers van de community - 97 veehouders mee, 68 akker- en tuinbouwers en 34 deelnemers met een gemengd bedrijf - meepraten over verschillende onderwerpen zoals natuurinclusieve landbouw in het onderwijs, duurzame keuzes van de consument, toekomstbestendige landbouw, de impact van corona en het nieuwe Gemeenschappelijke Landbouwbeleid (GLB) van de EU. Een rapportage van de resultaten van deze LNV Community verscheen 10 maart 2021.

Een van de opvallende resultaten in de discussie over natuurinclusieve landbouw is dat boeren om verschillende redenen weerstand voelen bij de term 'natuurinclusieve landbouw'. Ze voelen een negatieve bijklank omdat de term suggereert - zo is te lezen in de rapportage - dat natuur en landbouw niet samen gaan, terwijl boeren het vanzelfsprekend vinden natuur te integreren in hun werk.

Weerstand

Weerstand ontstaat ook omdat de term op dit moment nog onduidelijk is en omdat ze zien dat er financiële risico's aan de natuurinclusieve initiatieven hangen terwijl ze weinig mogelijkheden zien om de initiatieven winstgevend te maken. Toch staan boeren wel open voor de initiatieven. Ze passen natuurinclusieve landbouw al toe variërend van een bloemenstrook langs een akker tot een volledig natuurinclusief bedrijf.

Als het om het onderwijs gaat - zo vinden de deelnemers aan de community - moet er in de opleidingen vooral aandacht besteed worden aan kennis van ecologische processen, mogelijke toepassingen op het bedrijf en kennis over het verdienmodel van een natuurinclusief bedrijf. Verder zien ze stages en het opdoen van praktijkervaring als een belangrijk onderdeel om inzicht te krijgen in natuurinclusieve bedrijfsvoering.

Rol van consumenten

In de community is ook gesproken over de rol van de consumenten. Bij de discussie over natuurinclusieve landbouw voeren boeren een strijdigheid tussen wat de overheid wil en het gedrag van consumenten. Consumenten lijkten niet te willen betalen voor de extra stappen van boeren. Boeren denken dat het verkleinen van het prijsverschil tussen reguliere en duurzame producten kansrijk is om consumenten te verleiden tot duurzame keuzes, in combinatie van het herkenbaar maken van producten en het informeren van consumenten.

Ze zien daarbij een beperkte rol voro zicht zelf. Ze zien de grootste rol voor de overheid, supermarkten en het onderwijs. Volgens boeren worden consumenten sterk door de prijs gedreven. Daarom zien ze een belangrijke rol voor supermarkten in het stimuleren van het gebruik van duurzame producten, door de consument te sturen met de prijs van producten.

(Bron foto: karinaschermer via Pixabay)